Macht geen taboe

In hun artikel "Tussen wet en geweten staat de bureaucratie' (NRC Handelsblad, 19 januari) van Van Beusekom en Michiels van Kessenich trok de analyse over macht mijn aandacht. “Macht maakt geen fouten. Macht mag niet door de mand vallen. De angst de macht te verliezen corrumpeert de machthebber. Angst voor de gevolgen van de macht corrumpeert ook diegenen, die aan de macht zijn blootgesteld. Macht heeft zwijgzamen en collaborateurs.”

Op macht rustte een taboe: macht wordt uitgeoefend, niet in het openbaar besproken. De beide schrijvers stellen zich kwetsbaar op door dit taboe te doorbreken, hetgeen machthebbers niet waarderen. Zelden wordt het functioneren van macht zichtbaar. Bij het WAO-debat was dit het geval, al werd het gordijn spoedig neergehaald. Dankzij Ferry Mingele van Den Haag Vandaag blijven de emoties in de herinnering rondom: "de spelregels werden tussentijds veranderd' (CDA-fractievoorzitter Brinkman) en "de minister-president heeft een kunstje geflikt' (VVD-kamerlid Linschoten).

Tijdens de kabinetsformatie van september 1989 hield Hella Haasse met Aad Nuis haar historische roman ten doop over Joan Derk van de Capellen, de man die zich 200 jaar geleden verzette tegen de heersende macht. Nuis stelde de vraag of Joan Derk zich in onze tijd zou verzetten tegen de gevestigde confessionele macht. Juist in die dagen gaf het CDA daarvan duidelijke signalen af: kamervoorzitter Dolman moest weg; geen wettelijke regeling van de euthanasie; een strak financieel keurslijf; de uitnodiging aan partijen van links en van rechts aan te schuiven aan de CDA-tafel. Met kreten als "het is een illusie de CDA-macht te bestrijden' (kamerlid Ter Beek) en "het is de wens van onze kiezers' (ex-partijvoorzitter Marjanne Sint) schoof de toenmalige fractievoorzitter Kok aan bij de CDA-formateur, zonder D66.

Eens heeft Van Mierlo in het parlement gepleit voor een macht die functioneert als gezag: rechtvaardig, zuiver, streng, integer, open voor andere meningen. Iedere burger heeft ervaringen met machthebbers die gezagsdragers werden. Echter, ook van alle tijden is de macht die de waarheid geweld aan doet, intrigeert of misleidt, trouw afdwingt en schijnprocedures ontwerpt. De macht met een technocratisch taalgebruik, dat de burger het gevoel moet geven dom te zijn.

Op 18 januari schreef de econoom E.J. Bomhoff dat bij het politieke handwerk onvermijdelijk een zekere mate van liegen en bedriegen hoort. Onbedoeld gaf hij aan waarom de burger in toenemende mate de politiek de rug toekeert onder invloed van de norm: “Doe wat je zegt, dan lieg je niet”. Het woord "onvermijdelijk' in de uitspraak van Bomhoff staat lijnrecht tegenover het pleidooi van eerstgenoemde auteurs voor een herwaardering van integriteit in de uitoefening van macht!