Bond verzet zich tegen verhoging huur met 4,7 pct

DEN HAAG, 2 FEBR. De Woonbond verzet zich tegen de huurdifferentiatie die staatssecretaris Heerma (volkshuisvesting) per 1 juli van dit jaar wil doorvoeren.

De bond, de overkoepelende instantie van huurdersorganisaties, vindt dat de 4,75 procent verhoging die Heerma als gemiddelde wil hanteren, de maximale huurstijging moet zijn. Woningen met gebreken en slecht onderhoud moeten geen of een lagere huurverhoging krijgen.

“Eigenlijk is 4,75 procent al te veel”, zei gisteren de voorzitter van de Woonbond, A. Duivesteijn. De bond wees erop dat de gemiddelde kostenstijging in de volkshuisvesting 3 procent bedraagt. Een percentage van 4,75 is alleen aanvaardbaar, stelde Duivesteijn (voormalig PvdA-wethouder in Den Haag) als de verhuurder belooft de kwaliteit van de woningen te verhogen.

Staatssecretaris Heerma heeft, gesteund door de Tweede Kamer, voor dit jaar voor het eerst een gevarieerde huurverhoging voorgesteld. De huren mogen maximaal met 6 procent stijgen, maar afhankelijk van de kwaliteit mogen ze ook dalen, gelijk blijven of minder stijgen. Wel moet de huurverhoging bij een woningbouwcorporatie gemiddeld ten minste 4,75 procent bedragen.

De Woonbond ontvouwde gisteren zijn plannen om huurdersorganisaties te mobiliseren tegen hogere huurverhogingen dan dit percentage. Op 26 bijeenkomsten, verspreid over heel Nederland, zal de bond onder meer de "Verhuurderstoets' presenteren, vragenlijsten waarmee huurdersorganisaties via de bewoners de kwaliteit van de verhuurder kunnen meten.

De Woonbond hoopt aan de ervaringen die huurdersorganisaties dit jaar opdoen argumenten te ontlenen waarom de positie van huurders ten opzichte van verhuurders moet worden versterkt. Verhuurders zijn weliswaar sinds dit jaar verplicht met huurders over de huurverhogingen te overleggen, een plicht tot onderhandelen bestaat er niet en evenmin een wettelijke onderhandelingspositie voor huurdersorganisaties. Nu het vaststellen van de huur niet meer centraal door het ministerie van volkshuisvesting geschiedt, is een versterking van de positie van huurders des te dringender, aldus de Woonbond. Een commissie die Heerma heeft ingesteld, moet hiervoor nog aanbevelingen doen.

Directeur C. Rottier van de Woonbond zei gisteren dat woningbouwverenigingen, in het bijzonder hun koepelorganisaties, altijd hebben beweerd dat ze tot onderhandelen bereid zijn. “We zijn benieuwd, we dagen ze nu uit dat ook echt te doen.” De Woonbond vreest dat vooral huurders van particuliere woningen het slachtoffer zullen worden van het huurbeleid van Heerma. “Veel van deze huurders zullen een briefje krijgen dat de huur met 6 procent omhoog gaat, zonder dat daarover kan worden onderhandeld”, voorspelt Woonbondmedewerkster M. Linssen.