"Geen collectieve reparatie WAO'

DEN HAAG, 1 FEBR. Werknemers moeten zelf aanvullende verzekeringen tegen arbeidsongeschiktheid betalen. Een verlaging van de uitkering die ze bij ziekte ontvangen, is daarvoor een mogelijkheid. Dit stelde algemeen directeur J. Weitenberg van het Nederlands Christelijk Werkgeversverbond (NCW) vanochtend op een persconferentie.

Sedert vandaag mag er weer over collectieve arbeidsovereenkomsten (CAO) worden onderhandeld, overeenkomstig de "adempauze' die werkgevers en werknemers in december overeenkwamen. Compensatie van de kosten voor aanvullende verzekeringen tegen arbeidsongeschiktheid, die noodzakelijk worden geacht nu de wettelijke WAO-uitkeringen worden verlaagd, zal daarbij een belangrijk punt zijn.

Volgens Weitenberg moeten premielasten van aanvullende verzekeringen tegen arbeidsongeschiktheid net als de WAO-premie zelf worden betaald uit het loon van de werknemer. De NCW-directeur vindt overigens dat de aanvullende verzekering niet per CAO voor hele bedrijfstakken moet worden geregeld, maar per bedrijf. Dit om zoveel mogelijk premiedifferentatie te bereiken. De vakbonden zijn juist wel uit op collectieve "reparatie' van de verlaging van de WAO-uitkeringen.

De CAO-besprekingen vorig jaar stonden mede in het teken van de bestrijding van het ziekteverzuim. De wettelijke uitkering van 70 procent die werknemers bij ziekte krijgen, werd via afspraken in de CAO meestal tot 100 procent aangevuld. Prikkels in de vorm van het inleveren van vrije tijd of geld bij ziekte bleven in de meeste gevallen uit. Dit tot ongenoegen van minister De Vries (sociale zaken en werkgelegenheid) die vond dat dergelijke prikkels er wel hadden moeten komen.

Werkgevers moeten daar volgens Weitenberg dit jaar alsnog op mikken. Als het ziekengeld tot bijvoorbeeld 90 procent wordt beperkt, dan kan deze besparing worden gebruikt om de aanvullende verzekering tegen arbeidsongeschiktheid mee te betalen, aldus het NCW.