Fonds BKVB wijzigt beurzenstelsel; Nieuw stipendium vervangt bijstand voor kunstenaars

AMSTERDAM, 1 FEBR. Het Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst gaat een nieuwe "basisbeurs' voor beeldende kunstenaars instellen. Het bestaande stelsel van beroepskostenvergoedingen en individuele werkbeurzen en startstipendia zal daardoor grotendeels verdwijnen.

Dit is het gevolg van het vrijdag genomen besluit in de ministerraad, waarbij twintig miljoen gulden van het ministerie van Sociale Zaken naar WVC wordt overgeheveld. Kunstenaars kunnen niet langer met behoud van uitkering hun beroep uitoefenen als deze zomer de nieuwe, aangescherpte bijstandswet van kracht wordt.

De nieuwe basisbeurs zal voor een deel bestaan uit de kosten voor levensonderhoud volgens de bijstandsnorm: ongeveer twintigduizend gulden per jaar. Daarbovenop komt dan nog een beroepskostenvergoeding van ongeveer zevenduizend gulden. Deze basisbeurs, of dit stipendium, zoals Fonds-directeur G. Dales het liever noemt, zal voor een langere periode, namelijk drie of vier jaar worden toegekend. Bij de beoordeling of een kunstenaar in aanmerking komt voor dit nieuwe stipendium, wordt gekeken naar de kwaliteit van zijn kunst en de mate waarin hij of zij actief is op de kunstmarkt en als professionele kunstenaar erkend wordt, aldus Dales. Wordt iemand afgewezen, dan kan hij het volgende jaar weer aanvragen. Voor academieverlaters zullen aangepaste toelatingseisen gelden. Kunstenaars kunnen meerdere malen het stipendium krijgen. Kunstenaars die het Fonds nog een extra stimulans wil geven, kunnen boven op het basisstipendium nog extra subsidies voor projecten en dergelijke krijgen. In totaal zullen tussen de 1200 en 1500 kunstenaars in aanmerking komen voor dit nieuwe meerjarige stipendium. Het fonds heeft na de overheveling van twintig miljoen in totaal 37 miljoen voor beeldende-kunststipendia beschikbaar. Momenteel krijgen duizend kunstenaars een vergoeding of stipendium van het fonds. Naar schatting zijn ongeveer vijfduizend kunstenaars, zowel beeldende kunstenaars als musici, acteurs en dansers (deels) afhankelijk van de bijstand.