Bier blijft middelpunt van Horecava

Op de 37ste Horecava in de RAI ontvingen de 680 standhouders deze week 101.809 bezoekers, zo'n tienduizend meer dan vorig jaar. Maar de motieven om deze beurs te bezoeken zijn nog altijd slechts zeer ten dele van zakelijke aard.

“Het aantal nieuwe klanten kan ik op de achterkant van een luciferdoosje uittekenen. Maar na december zakt de handel toch in. De Horecava is wel een mooi begin van het nieuwe jaar.”

O. Vlasman van Oud Wijnkopers & Hustinx bv. denkt dat er bar weinig winst te halen is op de Horecava, het grootste horeca-evenement van Nederland. Op de achtergrond keurt een echtpaar gorgelend en spuwend zijn schenkwijnen. Oude relaties, zo blijkt. Vlasman: “Die komen de orders die ze anders opsturen, nu zelf brengen. We verdienen er niets mee, maar persoonlijk contact is altijd mooi.”

Ook D. Kruidenier van Gustav Burger International bv, een bedrijf dat hamburgers en diepvriesbroodjes aan benzinepomphouders verkoopt, is vooral aanwezig om aanwezig te zijn. “Als je hier niet staat, besta je ook niet. En als je hier het ene jaar wel en het volgende jaar niet staat, dan ben je failliet.”

De Horecava is een hoorn des overvloeds. Bezoekers moeten wel over een bovenmenselijke zelfdiscipline beschikken om de honderden gastvrouwen met frituurprodukten, borrelnootjes en likeuren te ontlopen. In de ene hal kijkt zeebanket tussen de ijsblokken uitdrukkingsloos naar de voorbijgangers en wedijveren whiskycocktails en chocoladecakes om de aandacht. Elders staan keukenmachines eenzaam te glimmen in de zware frituurwalm die uit de veel drukkere fast food-hal binnendringt.

Volgens een enquête van onderzoeksbureau BT is de helft van de bezoekers van plan produkten te kopen op de Horecava en verzorgt 78 procent voor zijn bedrijf de inkoop van voedings- en genotmiddelen. De organisatie legt niet voor niets de nadruk op deze cijfers. In de jaren tachtig kreeg de Horecava een bedenkelijke reputatie als vierdaagse drank- en eetorgie.

Er zijn sindsdien maatregelen genomen om een zakelijker imago te kweken. 's Avonds, als de Horecava traditioneel tot ontaarding neigde, zijn de hallen gesloten. Ook het toegangsbeleid is aangescherpt. Wie niet is uitgenodigd en niet kan bewijzen in de horeca werkzaam te zijn - een visitekaartje geldt als onvoldoende bewijs - wordt geweerd. De Amsterdamse politie draagt zijn steentje bij met alcoholcontroles bij de RAI. Driehonderd blaastesten hebben dit jaar maar één treffer opgeleverd, minder dan bij een normale controle. “De bezoekers weten dat we op de loer liggen”, zegt een politiewoordvoerder. “Onze aanwezigheid werkt preventief.”

Wellicht worden excessen op deze manier voorkomen, feit blijft dat de interesse voor de produkten bij de bezoekers maar zeer gedeeltelijk van zakelijke aard is. Alles kent zijn plaats op de Horecava, de fast-food sector, de keukenapparatuur, de kassa's, de catering, de disco-inrichtingen. Maar de drank- en sigarettenfabrikanten vormen een uitzondering, zij zijn over de hele beurs verspreid. Een aparte drankhal zou grote problemen met de doorstroming opleveren, legt een medewerkster van de Horecava uit.

Daardoor is het bierpaviljoen in elke hal het middelpunt. In het barretje van Grolsch worden alleen relaties toegelaten, maar het terras staat vol met koks, obers en cateraars die zich ongegeneerd laten vollopen met Lager en dieprood Amberbier. “Ik hou het in de gaten”, zegt de gastheer van Grolsch. “Wanneer de eerste borrelnoten door de lucht vliegen en het lallen begint, gooi ik het terras een kwartiertje dicht. En dan begin ik opnieuw.”

Naarmate de middag vordert, beginnen de gevallen van openbare dronkenschap meer op te vallen. Rond vijf uur wankelt een corpulente jongeman bij het Dommelsch-paviljoen een neon-uithangbord omver. Even verderop staat een man gebiologeerd naar een hoge trap te staren, als een gewichtheffer naar zijn halter. Na enige minuten besluit hij van de onderneming af te zien en een andere route te nemen.

Toch wordt er hier en daar ook wel een orderformulier ingevuld. De verkopers lijken op de klantenkring: de stropdasjes zijn net iets wilder, de schoenen iets puntiger, de jasjes iets glimmender, de huiden iets bruiner dan elders. Behalve bij de wijninkopers en het binnenlands gedestilleerd, waar bordeauxrode pullovers en conservatieve snorren nog steeds de toon zetten. Ook vele honderden hapjesdames, drankschenkers, muzikanten en mimespelers vinden op de Horecava tijdelijk emplooi. Zo heeft een jongeman tot taak de hele dag toiletbrillen naar beneden te drukken. Dit ter demonstratie van een noviteit: de zelfheffende wc-bril, die na gebruik automatisch opveert. Dat voorkomt druppelvorming op de rand van de bril, legt hij bereidwillig uit.

Nieuwe trends zijn er nauwelijks op de 37ste Horecava, wel wat kleine nieuwtjes. Zo probeert Seaselect het dit jaar met "surimi', witvis, vernuftig vermomd als krab of kreeft. A.D.I.E. Agencies komt het de Eggnuggets, bevroren eierbolletjes die moeiteloos in een zemige omelet omgezet kunnen worden. Er is karnemelk-ijs, er zijn onderhoudsarme aquaria en extra dikke steakfrites. En er is het drankje CH'i, een mengsel van mineraalwater en een “vierduizend jaar oud Chinees kruidenmengsel” dat zich dit jaar aan het reformcircuit tracht te ontworstelen.

De opmars van "Light' zet zich voort: dit jaar verschijnen weer tal van nieuwe soyaburgers, calorie-arme dranken en suikervrije koekjes op de markt. In de verpakkingssector is er enig aanbod van biologisch afbreekbare verpakkingen, maar storm loopt het niet. “Zegt u nu zelf, u vraagt in de snackbar toch ook niet om een afbreekbaar fritesbakje”, zegt een verkoper. Hij kijkt misprijzend naar zijn eigen folder voor het "fab-Bioline' snackbakje, dat binnen zes weken in humus verandert. Bruinige kleurenfoto's van het desintegratieproces staan in pijnlijk contrast met het frisse plastic tafelgarnituur waar zijn echte liefde naar uitgaat. Met het milieubewustzijn loopt het nog niet zo'n vaart in de horeca.