Verlangen naar verlangen

Child of a Big City (Ditja bolsjogo goroda). Regie: Jevgeni Bauer. Met: Jelena Smirnova, Michail Salarov. Vertoond met begeleiding van het Nederlands Slaapkamerkoor o.l.v Anthony Zielhorst. Amsterdam, Nederlands Filmmuseum (8 t/m 10 jan en 13 t/m 18 jan).

Hoe jong de filmkunst ook is, keer op keer blijkt zij de moeder te zijn van hopeloos veronachtzaamde kinderen. Vooral met haar nageslacht uit haar zwijgende periode is ze achteloos omgesprongen. Nu en dan vindt een filmhistorisch instituut zo'n haveloos snotneusje terug, poetst het op en blijkt een schoonheid van klassieke allure te hebben ontdekt'. Zo'n geval is Jevgeni Frantsevitsj Bauer (1865-1917), een Russisch filmer die triomfen vierde in de Tsarentijd, om na de Revolutie door collega's als Vertov en Eisenstein eenvoudig terzijde te worden geschoven als "decadent'. Bauer maakte in een korte carrière van vier jaar ruim tachtig films, waarvan er zesentwintig (meest met een lengte van rond het uur) bewaard zijn gebleven. Pas in 1989 werd de banvloek verbroken: het Zwijgende Film Festival in de Italiaanse stad Pordenone presenteerde zijn films, waarop hun maker postuum werd ingehaald als een auteur.

Deze maand biedt het Nederlands Filmmuseum gelegenheid kennis te maken met het oeuvre van Bauer. Begonnen wordt met zijn Child of a Big City (1914). De film garandeert een prachtige voorstelling, ook dank zij het Nederlands Slaapkamerkoor, waarvan de 35 leden maar net onder het doek passen. Dirigent Anthony Zielhorst stelde bij Bauers film een passend boeket samen van melancholieke, a cappella uitgevoerde koorcomposities, in een keuze die onder meer uitkwam op Tsjaikovski, Chopin en Debussy.

Zielhorst zet de toon van Child of a Big City met het door Andrea Gabrieli in 1589 muzikaal verwerkte klaaglied van Petrarca "I'vo piangendo'. Smachtend en rampspoedig klinken de stemmen in de nog verlichte zaal. Zielhorst geeft de operateur een teken, het donker valt, en Bauers film begint het verhaal van het arme weesmeisje Marya dat wordt opgepikt door een dandy. Hij raakt verslaafd aan haar, zij aan zijn geld. Als hij failliet dreigt te gaan kan zij zich hem niet langer permitteren. Hij schiet zich door zijn hoofd op de stoep van haar weelderige appartement waar ze allang salon houdt voor andere heren. Het gezelschap komt naar buiten. De fatale vrouw verbaast zich even over de dode op de drempel maar stapt dan met een sierlijk voetje over hem heen: "Op naar Maxim's!'. Haar sleep veegt een lok haar uit zijn ogen. Afgelopen. Niks berouw of verdiende loon. De wereld is wreed, het leven is cynisch en voor moralisme of een happy end moet je niet bij Bauer zijn.

Toch is zijn stijl licht, weelderig als de inrichting van het boudoir van Marya, waar ze vol overgave ligt te kwijnen van verlangen naar verlangen. De camera legt sierlijke bewegingen vast, die sporen met de aan de creaties van Paul Poiret (de Parijse modeontwerper die in de jaren tien het corset terugdrong) ontleende gewaden die Marya draagt. Bauers vlakverdeling is weerbarstiger dan die van het gros van de hedendaagse Westerse filmers, doordat hij veelvuldig een handeling in de ene hoek van zijn doek contrasteert met iets dat elders in dezelfde ruimte voorvalt. Zo wordt een ondeugende danse a deux half achter een groot gordijn uitgevoerd, terwijl er voor dat gordijn een kil gesprekje plaatsvindt.

Child of a Big City een melodrama? Wat betreft het verhaalverloop zeker, maar Bauer weigert zich daar veel aan gelegen te laten liggen. En dat maakt zijn film tot een weergaloos avontuur.