"Vertrutting heeft Nieuwspoort veranderd'

Het internationaal perscentrum Nieuwspoort in Den Haag heeft vandaag een nieuwe behuizing gekregen. Was het vroeger al vrijwel ingekapseld door het Tweede-Kamergebouw, nu is het daarvan een onlosmakelijk onderdeel geworden.

DEN HAAG, 30 NOV. Hoeveel uren hebben Haagse journalisten niet in het oude Nieuwspoort gesleten. Vooral op vrijdag duurde het vaak ellendig lang voordat de komst van de minister-president in de Opkamer werd aangekondigd. Almaar wachten, hangen aan de bar in een lokaal dat blauw stond van de sigaren- en sigarettenrook.

Het Nieuwspoort aan de Hofcingel is sinds een week dicht. Vandaag is het nieuwe perscentrum - in het voormalige Hotel Centraal aan de Lange Poten - geopend. Het etablissement met zijn sociëteit (alleen voor leden: journalisten, politici, voorlichtings- en p.r.-mensen) en de zaaltjes waar persconferenties worden gehouden, ogen heel anders, vooral sjieker dan vroeger.

Met de jaren is het perscentrum steeds meer een trefpunt van public relations- of public affairs-deskundigen geworden. Kamerleden en ministers lieten zich er al zelden of nooit meer zien. Ondanks de gewijzigde sfeer komt Nol Westendorp, ex-journalist en oud-voorlichter van het ministerie van CRM, er nog af en toe. Ook het nieuwe Nieuwspoort zal hij blijven bezoeken. “Ik ben al dertig jaar lid, vanaf de eerste dag dat het bestond”, zegt hij. Vijf jaar lang was hij hij penningmeester van Nieuwspoort dat toen nog een echt perscentrum was. Vervolgens werd hij tot "erepoorter', lid van verdienste benoemd. Nog elke eerste maandag komt Westendorp er met de PEP-seniorenclub, de "poorters van de eerste periode'. Met vermaarde journalisten als Nico Cramer en Herman Bleich. “En niet te vergeten Jules van der Wielen van het Handelsblad die kort na de fusie met de NRC (1971) de krant heeft verlaten.”

Westendorp herinnert zich typische Nieuwspoort-gangers als Hans Gruijters, Marcel van Dam en Jan Schaefer, minister en staatssecretarissen van het kabinet-Den Uyl (1973-1977). Vooral in die tijd had Nieuwspoort grote faam. Niet in het minst door de grote omzet in alcoholica. “Ik weet wel”, zegt de oud-voorlichter, “dat Nieuwspoort op dat gebied een reputatie van overmatigheid had, maar ik heb daar nooit iets van gemerkt. Misschien ook wel omdat ik nu eenmaal een kind in het kwaad ben.”

Een bekende Nieuwspoortbezoeker was de vroegere PvdA-parlementariër en minister van defensie, Henk Vredeling. “Ik at er dikwijls en kwam er veel, want de Kamer begon me wel eens flink de vervelen. Je had er een sfeer van kameraderie, ja, zo mag het wel noemen. We hebben er heel wat gelachen, maar je had er ook de erecode dat wat je met elkaar besprak, vertrouwelijk bleef en dat je dat niet meteen de volgende morgen in de krant zou vinden. Aan die code is men zich later steeds minder gaan houden. Ik heb daar vervelende ervaringen mee gehad; dus kwam ik er toen niet vaak meer”.

Jan Tromp, die bijna twintig jaar lang Volkskrant-redacteur in Den Haag was, is van mening dat Nieuwspoort de laatste jaren “overwoekerd is door branche-vreemd volk” en dat het perscentrum daardoor veel van zijn oorspronkelijke karakter verloor. “Maar misschien was dat wel nodig om Nieuwspoort draaiende te kunnen houden. Dat ik mij er niet meer thuisvoel, heeft ook met de vertrutting van het leven en van de politiek in het bijzonder te maken. Vroeger kwamen er politici om te drinken, maar tegenwoordig gaan ze na hun werk direct naar huis om de aardappelen te schillen.”