Strafzaken bekennende verdachten versneld

DEN HAAG, 30 NOV. Minister Hirsch Ballin (justitie) wil strafzaken tegen bekennende verdachten in een vereenvoudigde procedure versneld afhandelen.

Gisterochtend kondigde de bewindsman tegenover de NOS-radio aan volgend voorjaar met een wetsvoorstel over dit onderwerp te komen.

Hirsch Ballin reageert hiermee op een recent advies van de Commissie herijking wetboek van strafvordering, onder leiding van oud-president van de Hoge Raad mr. Ch.M.J.A. Moons.

Het rapport van de adviescommissie sluit aan bij het feit dat 85 tot 95 procent van alle verdachten een bekentenis afleggen. In de vereenvoudigde procedure hoeft tijdens de rechtszitting alleen nog centraal te staan welke straf of maatregel aan de verdachte moet worden opgelegd. In de huidige procedure staat steeds voorop of de verdachte het strafbare feit heeft begaan en in welke mate de dader strafbaar is. De verplichting van de zittingsrechter om processtukken voor te lezen, wordt in de vereenvoudigde procedure beperkt tot die stukken die van belang zijn voor de op te leggen straf. Ook kan de rechter volstaan met een verkort vonnis. Ten slotte moeten zaken die in eerste aanleg volgens de vereenvoudigde procedure zijn afgedaan, ook in hoger beroep versneld worden behandeld

Volgens de minister kan de verdachte zijn wens voor een versnelde procedure al voor de eigenlijke zitting uitspreken in aanwezigheid van een advocaat. “Wij willen uiteraard niet aan de grondrechten van de verdachten afbreuk doen en daarom is het van belang dat een advocaat de verdachte kan bijstaan”, aldus de minister.

Hirsch Ballin hoopt met de versnelde procedure de officieren van justitie en rechters te ontlasten. Zij zullen overigens nog een advies moeten geven over het voornemen van de minister.

Het advies van de commissie-Moons was niet unaniem. Drie van de dertien leden konden zich niet verenigen met de inhoud van het rapport. Het ging hierbij om prof.mr. Th.W. van Veen, mr. F.H. Koster en mr. P.J. Baauw.