Sectiebestuur wil inkrimping betaald voetbal

ZEIST, 30 NOV. Het sectiebestuur betaald voetbal overweegt inkrimping van het aantal profclubs om de attractiviteit van de competitie te vergroten. Er wordt een commissie in het leven roepen die zich hierover gaat buigen.

Dit staat in een beleidsplan dat vanmiddag kort voor de algemene najaarsvergadering aan de clubs werd uitgereikt. Er wordt niet aangegeven hoeveel BVO's (Betaald Voetbal Organisaties) er in de toekomst moeten verdwijnen. Maar het streven van de Europese voetbalunie, die de bonden adviseert om een topliga te beperken tot zestien clubs, zal als een belangrijk richtsnoer dienen. Momenteel bestaat de eredivisie nog uit achttien clubs. Een meerderheid van het betaalde voetbal toonde zich in het verleden fel tegen een kleinere hoogste afdeling. In de beleidsnota zijn ook ideeën opgenomen ter bestrijding van het racisme in de stadions.

Het sectiebestuur neemt de suggestie van de topclubs over de verdeling van de inkomsten van tv-rechten niet heeft overgenomen. Ajax, PSV en Feyenoord willen een deel - bijvoorbeeld veertig procent - van de vijftien miljoen die daarvoor per jaar beschikbaar komt naar rato verdelen aan de hand van het aantal minuten dat zij in beeld komen.

Het sectiebestuur heeft de plannen tot vanmiddag geheim gehouden en geeft de clubs in principe tot 12 december de tijd om het rapport te bestuderen. Dertig van de 36 BVO's hebben het college echter in een schrijven laten weten dat zij meer tijd willen uittrekken om de voorstellen onder de loupe te houden. Daartoe is reeds een "commissie van deskundigen' samengesteld, die wordt aangevoerd door Jacques Ruts en verder bestaat uit de voorzitters Theo Aalbers (FC Utrecht), Gaston Sporre (FC Zwolle), Jan Vlaminckx (VVV) en Karel Jansen van de centrale spelersraad CSR.

Het vijftal denkt pas in februari een afgerond oordeel te kunnen vormen over de plannen. Tot die tijd zou het volledige college van Martin van Rooijen demissionair moeten zijn, terwijl eigenlijk alleen juridisch specialist Vilé, penningmeester Smits en bestuurslid Bontenbal statutair aftreden. Gezien het spoedeisende karakter van de materie vindt een groot deel van het sectiebestuur het onaanvaardbaar dat de beleidsnota tot februari blijft liggen. De clubs zouden in de ogen van Van Rooijen cs. binnen een maand een standpunt moeten innemen.

Het sectiebestuur kan de wind van voren verwachten van de Centrale Spelers Raad, die weliswaar geen lid is van de algemene vergadering maar wegens het adviesrecht de plannen van het college door de rechter nietig kan laten verklaren. De CSR, onder aanvoering van good-old Karel Jansen (spelersvakbond VVCS) en voorzitter Theo van Seggelen, is verbolgen over het feit dat de spelers de beleidsnota pas vanmiddag, nog later dan de media, mochten inzien. Het sectiebestuur heeft dit gedaan om voortijdig uitlekken te voorkomen. Karel Jansen vindt dat deze handelwijze stoelt op wantrouwen en wijst op de reglementen die bepalen dat elk beleidsstuk reeds twee maanden vantevoren in bezit moet zijn van de CSR. Het sectiebestuur kan zich vanavond echter beroepen op de termijn van 12 december die de spelersraad ruimschoots de gelegenheid biedt gebruik te maken van het adviesrecht.

Karel Jansen kwam onlangs reeds met een deel van het sectiebestuur in aanvaring toen hij tijdens een bijeenkomst met Vilé, Masman, Bontenbal en Smits eiste dat het beleidsrapport op tafel kwam. De afgevaardigden van het hoogste college uit het betaalde voetbal lieten hem weten daaraan niet tegemoet te kunnen komen, maar het adviesrecht van de CSR wel degelijk serieus te nemen. Jansen, die vanavond als vanouds de barricade beklimt: “Het sectiebestuur heeft de plicht ons te informeren. Er zullen vanavond harde noten worden gekraakt. Het sectiebestuur zal eerst met ons in het reine moeten komen. Als het betaalde voetbal moet inkrimpen is dat voor ons onaanvaardbaar. In het uiterste geval zullen we naar de rechter stappen om de uitvoering van deze plannen te voorkomen.”