Deze week afrekening in Moskou; De afloop van Volkscongres valt niet te voorspellen

MOSKOU, 30 NOV. Roeslan Chasboelatov is dezer dagen de rust zelve. De Russische parlementsvoorzitter laat zich uren lang op de televisie interviewen en maant de kijkers daarbij als een ware staatsman tot kalmte. Een “grote ramp” ligt volgens hem niet in het verschiet. Het zal hooguit “een of twee dagen zwaar worden”. Daarna zal alles in orde komen.

Dat zijn omineuze tekens. Want het lot van de regering van Boris Jeltsin ligt deze week grotendeels juist in zijn handen. Als Chasboelatov het wil, zal het Congres van Volksafgevaardigden zijn tanden laten zien. Voelt hij daar niet voor, dan zullen de parlementariërs zich als lammetjes gedragen. Chasboelatov is dé manipulator bij uitstek die deze week zo allesbepalend is voor de toekomst van Rusland. Hij vervult deze rol bovendien niet alleen ten eigen bate maar wordt in die hoedanigheid ook gebruikt door hen die liever achter de schermen opereren. Voor elke concessie van Chasboelatov zal derhalve een rekening gepresenteerd worden, politiek zowel als persoonlijk.

President Jeltsin is daar nu ook bevreesd voor. Nadat hij vorige week eerst televisiechef Jakovlev, vice-premier Poltoranin en "staatsraad' Boerboelis bij wijze van gebaar richting oppositie had ontslagen en een knieval had gemaakt voor het nationale bedrijfsleven en het "militair industrieel complex' door de olieconcessie op het Sjtokman-eiland in de Witte Zee aan een Russisch consortium te gunnen en niet aan buitenlandse investeerders, ging hij dit weekeinde ineens weer naarstig op zoek naar steun bij de radicale democraten die hij juist van zich had vervreemd. Zo riep hij gisteren de restanten van zijn electorale kiesbeweging Democratisch Rusland zowaar op een presidentiële “hervormingspartij” op te richten, een idee dat hij twee weken geleden nog had afgewezen omdat hij zich als president boven de partijen verheven voelde.

Met andere woorden: er is aan de vooravond van het Volkscongres, dat morgen in het Kremlin begint, geen zinnig woord te zeggen over de afloop ervan. De enige prognose die vooralsnog hout snijdt, is de vaststelling dat alle partijen kaarten in hun mouw hebben die als het zo uitkomt zullen worden uitgespeeld.

De situatie is als volgt. Van Chasboelatov en de oppositionele Burgerunie van werkgeversleider Arkadi Volksi mag Jeltsin komend jaar bij volmacht blijven regeren. Maar ze wensen in ruil “correcties” in het hervormingsprogramma van schock-therapeut Jegor Gaidar. Dat zèggen ze. Ze bedoelen bovenal dat Jeltsin Gaidars kabinet moet wijzigen en het parlement moet laten zitten. Want in Rusland geldt het politieke axioma: eerst de mannen en dan het beleid.

Dit andere beleid heet officieel "hervormingsbeleid'. De politieke strijd gaat, in de woorden van Chasboelatov, niet om “oude Sovjet-macht versus nieuwe democratische macht”. “Dat is een leugenachtige en kunstmatige these”, aldus de parlementsvoorzitter gisteren in een tv-interview. “De strijd gaat slechts om tempo en middelen”.

Dat is niet volstrekt gelogen. De meerderheid van het parlement wil niet terug naar een commando-economie, al was het maar omdat zulks niet meer kan. Wat de volksvertegenwoordiging wel wil, weet ze echter niet. Het parlement is er vooral op uit zichzelf en de belangen die het representeert te beschermen. Op de achtergrond gaat daarom wel degelijk een breukje met het huidige hervormingsbeleid van Jeltsin schuil. Anders dan de regering, die in een soort heidebrand-theorie gelooft, een vorm van economische Verelendung die op de zo gecreëerde puinhoop nieuwe initiatieven een kans moet bieden, wil de oppositie wel een aantal klokken terugdraaien. Zo moet de subsidiekraan van de overheid voor verlieslijdende bedrijven open blijven staan en dienen de lonen en prijzen bevroren te worden. Dat zijn maatregelen waarmee de parlementariërs bij hun achterban populair kunnen worden. De onvermijdelijke consequentie is dat de staat de greep op het valutaverkeer zal moeten verstevigen. En dat is een idee dat niet spoort met het liberaliseringsstreven van Gaidar.

Gaidar heeft het parlement vorige week dan ook een programma gepresenteerd dat het de komende dagen niet ongeamendeerd kan laten passeren, niet omdat de tekst haar tegen de haren in zou strijken, maar omdat de begeleidende toelichting van Gaidar een provocatie was aan het adres van de afgevaardigden. Wat de premier donderdag in het parlement zei over inflatie en subsidiebeleid was nou precies wat de volksvertegenwoordigers niet wilden horen. De meerderheid legde het nieuwe programma dan ook naast zich neer en eiste van Jeltsin dat hij deze week met een voordracht voor een echte premier zou komen. Gaidar is namelijk wel de premier van de president maar nog steeds niet van het parlement dat zijn benoeming tot nu toe nooit heeft willen goedkeuren.

Captain of industry Arkadi Volski voelde zich zelfs zo beduveld door Gaidar dat hij de president de eis stelde om nog deze week drie tot zes ministers wegens “incompetentie en wanbestuur” te ontslaan. Zoals gebruikelijk noemde hij ook dit keer weer geen namen. Maar het ligt voor de hand te veronderstellen dat hij onder andere op Andrej Kozyrev (buitenlandse zaken), Andrej Netsjajev (economische zaken), Aleksandr Sjochin (buitenlandse schuld), Pjotr Aven (buitenlandse handel), Anatoli Tsjoebais (privatisering) en wellicht ook Gaidar doelde. Sinds vorige week circuleert in ieder geval een naam van iemand die Gaidar zou kunnen opvolgen: Joeri Ryzjov, de Russische ambassadeur in Parijs die de naam heeft een hervormer te zijn maar zijn wortels in de oude machtstructuren heeft.

Als Jeltsin niet wenst te luisteren, kan Arkadi Volski menige nu nog verstopte kaart spelen. Want naarmate de verhoudingen in het parlement deze week escaleren, wordt zijn manoeuvreerruimte groter en kan hij bondgenoten zoeken in het nationaal-communistische kamp. Omgekeerd heeft de president ook nog wat troeven op de achterhand. Zoals de ontbinding van het parlement. Of wat te denken van de honderden mijnwerkers uit Siberië die gisteravond in Moskou zijn gearriveerd om hun steun aan de president te betuigen?

Rest de vraag of het er allemaal veel toe doet in de Russische samenleving. Arbeiders van de militair-industriële gigant Oeralmasj uit Jekaterinaburg wekten gisteren voor de televisie niet die indruk. De politieke strijd, zo zeiden ze, is niet meer dan het sprookje over “de zwaan, de kreeft en de snoek”, waarbij het parlement als zwaan boven de werkelijkheid fladdert, de regering als een kreeft door het zand krabbelt en de president als snoek deze en gene opvreet. Hun directeur formuleerde het nog helderder: “Ik verwacht helemaal niets van het congres.” Een treffende samenvatting van de publieke opinie. Ware het niet dat de geschiedenis van Rusland tot iets meer aandacht voor het politieke “spel” noopt.