Meesterklasse ongemeen spannend

De viertallencompetitie in de Meesterklasse kent een ongemeen spannend verloop. Tijdens het een na laatste wedstrijdweekend (21 en 22 november jl.) slonk de voorsprong van de twee leiders, Modalfa en USS 1, aanzienlijk. Met Hok 1 en WAC op de loer is de stand aan kop nu: Modalfa 394,5, USS 1 393, Hok 1 390, WAC 387. Zaterdag 12 december is voor de vier teams een belangrijke datum. Aan het eind van die competitiedag zullen de nummers één en twee bekend zijn die een dag later in een finale mogen uitmaken wie landskampioen wordt.

De oudste en meest ervaren speler van Hok 2 is de Amsterdamse grootmeester Nico Englander. In de wedstrijd tegen de Continental Club werd hem het vuur na aan de schenen gelegd. Eerst door zijn tegenstanders. Verplaatst u zich eens op de stoel van Englander: ß7 A9

ß6 54

ß5 H984

ß4 B10762

Allen zijn kwetsbaar en linkertegenstander opent op de eerste hand met 4ß6, partner volgt met 4ß7, rechts 5ß6 en nu mag u. Verderop leest u welke goede beslissing Englander hier nam. Een paar spellen later moest de Amsterdammer op een nog hoger niveau zijn bod bepalen:

ß7 VB87

ß6 B84

ß5 A1042

ß4 92

Bij niemand kwetsbaar opent rechts met 3ß4. U past en links biedt 5ß4. Uw partner biedt nogal verrassend 6ß5. Rechts past. U voelt aan dat dit een cruciaal moment in de wedstrijd is. U gaat in trance, net als Englander. Er flitst van alles door uw hoofd: "Partner jumpt naar 6ß5 zonder troefaas. Heeft hij dan de rest "dicht'? Word ik nu verondersteld met ß5A het grootslem in ruiten te bieden?' Tegen het einde van dit artikel ziet u wat Nico Englander deed.

Een goede leider trekt zijn conclusies uit het biedverloop. Voor het afspel kan dit vèrstrekkende gevolgen hebben. We volgen Gert-Jan Paulissen van Hok 2 in de wedstrijd tegen USS 1:

Oost gever, Noord

Niemand kw. ß7 V95

ß6 H1054

ß5 B765

ß4 A4

West Oost

ß7 HB1032ß7 A76

ß6 76 ß6 AVB983

ß5 A1032 ß5 -

ß4 108 ß4 V975

Zuid

ß7 84

ß6 2

ß5 HV984

ß4 HB632

In de open kamer speelde Oost, Chris Niemeijer van USS 1, 4ß6. Dit contract werd bereikt zonder dat de tegenpartij zich met het bieden had bemoeid. Zuid startte ß78 zodat ß7V meteen "gevonden' was. Niemeijer ging desalniettemin één down, omdat hij te laat moest constateren dat de troeven vier-één zaten. Hij verloor twee troefslagen en twee klaverslagen. In de gesloten kamer boden NZ wel mee:

West NoordOost Zuid

RamerSint Paulissen Pol

1ß6 2SA

dbl 4ß5 4ß6 pas

pas pas

Ondanks zijn waterige hand nam Dick Pol het initiatief door met 2SA een klaver-ruitenspel aan te geven. Die tactiek kan lonend zijn, maar had hier het effect van een boemerang. Pol startte tegen 4ß6 met ß5H, door Paulissen in dummy genomen met het aas, terwijl in de hand een klaver verdween.

Het bod van Pol gaf Paulissen voldoende aanwijzing om de essentiële kaarten in de hoge kleuren bij Noord te plaatsen. In slag twee speelde hij ß66, Noord de 4, Oost de 3 (!) en Zuid de 2. Paulissen vervolgde met ß7B voor 5, 6 en 4. De rest was kinderspel: harten naar de vrouw, ß6A, ß7AH en uit dummy de vierde schoppen. Noord troefde met ß6H, maar Oost gooide weer een klaververliezer weg. Paulissen gaf dus in totaal twee klaveren en een troefslag af, maar haalde zijn contract. Het helpt Noord overigens niet als hij in de tweede slag een onwaarschijnlijke ß610 bijspeelt. Ook dan is het contract gemaakt. Oost snijdt in troef en speelt klaver. Noord kan de slag pakken met het aas en troef naspelen: een kleine troef uit Noord brengt de dummy aan slag, waarna weer ß7B volgt, terwijl het naspel van ß6H de leider alle troefslagen doet maken.

Dit was de eerste beslissing van Englander:

Zuid gever, Noord

Allen kw. ß7 B875432

ß6 -

ß5 A107

ß4 AHV

West Oost

ß7 Hß7 V106

ß6 AVB8632 ß6 H1097

ß5 VB63 ß5 52

ß4 5 ß4 9843

Zuid

ß7 A9

ß6 54

ß5 H984

ß4 B10762

West NoordOost Zuid

Van Oppen Bakker Rebattu Englander

pas

4ß6 4ß7 5ß6 ?

Englander bood hier geïnspireerd 5ß7. Daar bleef het bij. Kees Bakker troefde de hartenstart en verloor maar één schoppenslag, omdat Oost ß710 inlegde toen Noord een kleine schoppen naar het aas speelde: 5ß7 +1. Omdat NZ aan de andere tafel al 4ß7 mochten spelen en dat met een overslag haalden, leverde dit spel Hok 2 niet meer dan één imp op.

En dit de tweede:

Oost gever, Noord

Niemand kw. ß7 A

ß6 AH1073

ß5 HVB963

ß4 3

West Oost

ß7 H10952ß7 643

ß6 V95 ß6 62

ß5 8 ß5 75

ß4 B1075 ß4 AHV864

Zuid

ß7 VB87

ß6 B84

ß5 A1042

ß4 92

West NoordOost Zuid

Van Oppen Bakker Rebattu Englander

3ß4 pas

5ß4 6ß5 (!) pas ?

In de Meesterklasse worden aan alle tafels dezelfde spellen gespeeld. Exact dit biedverloop kwam drie keer voor. De drie Zuidspelers, Englander incluis, boden 7ß5 en gingen één down na de start van ß4A en een geslaagde snit op ß6V. Hok 2 leverde op dit spel 14 impen in omdat op de andere tafel Continental 6ß5 haalde. Daar volstond West na eenzelfde begin met 4ß4, waarop Noord een informatiedoublet losliet. Op 4ß7 van Zuid bood Noord met 5ß5 een sterk ruiten-hartenspel aan. Zuid achtte terecht zijn kaart sterk genoeg voor kleinslem in ruiten en bood zes.

De discussies over het spel zijn nog steeds niet verstomd. Mag Noord met een drieloserhand over 5ß4 wel 6ß5 bieden of is 6ß5 van Noord juist een prachtbod? Na het meer behoudende 5ß5 immers, zou Zuid vermoedelijk geen slem meer bieden. Is het 7ß5-bod van Zuid wel correct? Er waren toch na 5ß4, met een nog sterkere hand in Noord dan de actuele, ook andere biedingen mogelijk, zoals 5SA of 6ß4? Maar wat zouden diè biedingen dan precies hebben betekend? Feit is dat Bakker-Englander het door de hevig jumpende Van Oppen-Rebattu knap lastig was gemaakt.