Geen zicht op doorbraak impasse EG

BRUSSEL, 28 NOV. Anderhalve week voor de Europese top in Edinburgh is er nog geen zicht op het doorbreken van de impasse in de EG. Ministers van financiën en buitenlandse zaken onderhandelden gisteren vrijwel vruchteloos over de financiële plannen voor de komende jaren, de uitbreiding van de EG en de aanpassing van het Verdrag van Maastricht aan de Deense eisen.

Een Brits voorstel om de uitgaven van de EG tot 1996 te bevriezen op het huidige niveau van 1,2 procent van het Bruto Nationaal Produkt zorgde voor hevige verdeeldheid. Een voorstel van Commissie-voorzitter Delors om de landbouwuitgaven volgend jaar met 1 miljard ecu te verhogen, en vanaf 1994 met 1,5 miljard ecu, stuitte op grote weerstand. Delors acht de verhoging noodzakelijk om de gevolgen van de herschikkingen in het Europese Monetaire Stelsel op te vangen.

De Britten droegen bij aan de patstelling door vast te houden aan de regeling waarbij het ongeveer 2 miljard ecu jaarlijks terugkrijgt van een gemiddelde contributie tussen de 5 en 7 miljard ecu. De elf andere lidstaten protesteerden hier zonder uitzondering tegen. Minister Van den Broek constateerde na afloop dat in Edinburgh “het geweld van de regeringsleiders” nodig zal zijn om een aantal beslissingen te nemen.

De Britse Raadsvoorzitter minister Lamont van financiën, noemde de bijeenkomst na afloop "constructief'. Hij zei dat er “op een aantal terreinen duidelijk vooruitgang is geboekt”. Die vooruitgang bestond volgens hem dan in het "afperken' van de meningsverschillen, respectievelijk het aanvaarden van Britse voorstellen als een "basis voor verder overleg”. Lamont herhaalde dat Engeland “geen enkel voorstel zal aanvaarden dat afbreuk doet aan de terugbetalings-regeling”.

Minister Hurd van buitenlandse zaken ontkende dat de EG afstevent op een fiasco in Edinburgh door te wijzen op “twee imposante prestaties” waar de EG naar kan uitzien. “De voltooiing van de interne markt per 1 januari en het totstandkomen van een GATT-akkoord”.

Het Britse voorstel voor de uitgaven tot het jaar 2000 kreeg met name de steun van Duitsland en Nederland en in mindere mate van Frankrijk en Italië. Duidelijk is wel, aldus Van den Broek “dat dit in z'n huidige vorm niet de eindstreep zal halen”. Mordicus tegen waren Spanje, Portugal, Griekenland en Ierland. Deze landen hebben gedreigd uitbreiding van de EG tegen te houden, zolang er geen beslissing over het meerjarenplan is genomen. Van dit plan zullen deze landen, in de vorm van het daarbij op te richten cohesiefonds, sterk profiteren. De Spaanse minister Solchaga zei na afloop geen enkele reden te hebben om te zeggen dat de lidstaten nader tot elkaar gekomen zijn. Delors noemde het een “ernstige politieke fout” om te besparen op de extra subsidies voor de armere lidstaten.

Volgens minister Van den Broek zijn “de zorgen van de lidstaten niet weggenomen” over een juridisch bindende aanpassing van het Verdrag van Maastricht die tegemoet komt aan Denemarken. Het probleem daarbij is om te vermijden dat de tekst wordt "opengebroken' zodat een nieuwe ratificatie in alle lidstaten nodig zal zijn. De Deense minister Ellemann-Jensen sprak van “balanceren op het scherp van de snede” maar zei goede hoop te hebben op een oplossing. De EG-ministers zullen proberen op 8 december een tekst vast te stellen die aan deze eisen voldoet.