Turkije tegen Cyprus-resolutie Veiligheidsraad

ANKARA, 27 NOV. Turkije heeft gisteren resolutie 789 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, waarin de Turks-Cyprioten verantwoordelijk worden gehouden voor het gebrek aan voortgang bij de besprekingen over een federatief Cyprus, scherp veroordeeld.

De resolutie, die woensdagnacht unaniem in de Veiligheidsraad werd aangenomen, is een uitvloeisel van het rapport dat de secretaris-generaal van de VN, Boutros Boutros-Ghali, had opgesteld nadat een laatste ronde van besprekingen over Cyprus eerder deze maand was afgebroken. De Grieks- en Turks-Cypriotische leiders, respectievelijk George Vassiliou en Rauf Denktash, komen in maart opnieuw in New York bijeen om onder auspiciën van de VN verder te onderhandelen. In resolutie 789 wordt Turkije onder meer opgeroepen een deel van zijn troepen, die sinds 1974 op Cyprus zijn gestationeerd, terug te trekken en Varosha, het deel van de stad Famagusta dat wordt gecontroleerd door Turkse militairen, onder toezicht van de VN te stellen. Volgens de Turkse premier Süleyman Demirel is het evenwel aan de Turkse militairen en niet aan de vredestroepen van de VN te danken dat er in de afgelopen 18 jaar geen bloed meer is gevloeid op Cyprus. Demirel zei desondanks bereid te zijn “de militairen zelfs morgenvroeg van Cyprus weg te halen, als er voldoende garanties zijn dat de vrede op het eiland bewaard blijft”. Wel bevreemde het hem, zo liet hij gisteren de parlementariërs van zijn regerende Partij van het Juiste Pad weten, dat aan Turkije wordt gevraagd de militaire aanwezigheid op Cyprus in te krimpen, terwijl de Grieks-Cyprioten tegelijkertijd aan de meest geavanceerde wapensystemen worden geholpen. Een ontwikkeling waar ook de Veiligheidsraad bezwaar tegen heeft aangetekend.