Hoog spel in Hongkong

"EEN LAND, twee systemen' is het motto waaronder de Britse kroonkolonie Hongkong vanaf 1 juli 1997 terugkeert onder Chinees gezag. Hongkongs kapitalistische economie zal vijftig jaar onveranderd kunnen voortbestaan - en hopelijk verder expanderen - als een “speciale administratieve regio” van de volksrepubliek. Daaraan voorafgaand worden in 1995 voor het laatst verkiezingen gehouden voor de wetgevende raad Legco (Legislative Council) en de nieuwe gouverneur van de kroonkolonie, de voormalige voorziter van de Britse Conservatieve partij Christopher Patten, heeft voorgesteld de democratische basis daarvan te verbreden.

Dit standpunt heeft hem een storm van woede en verontwaardiging uit de richting van Peking bezorgd. Een van de topmensen van het Chinese bewind vroeg zich zelfs openlijk af of zijn land zich nog wel gebonden kan achten aan de Gezamelijke verklaring uit 1984 die de basis vormt voor de overdracht. Het establishment van de kroonkolonie zelf en de traditionele Britse "China hands' waarschuwen dat Patten niets van de Chinees-Chinese verhoudingen snapt c.q. goedkoop politiek succes zoekt. Maar het beoogde kiezersvolk - dat door Patten, in een markante trendbreuk met zijn voorgangers op zijn hoge zetel, actief wordt opgezocht - reageerde opmerkelijk enthousiast.

DE STRIJD gaat om het deel van de 60 Legco-zetels dat direct verkozen wordt. De afspraak is dat dit van 18 thans zal stijgen via 20 in 1997 en 24 in 1999 tot 30 in het jaar 2003. De andere helft is bestemd voor (de toppen van) functionele verbanden, maar de grap is dat daarvan slechts 21 zijn toegewezen. Patten wil de overblijvende negen bestemmen voor dusdanig brede categorieën (industrie, import en export) dat het neerkomt op directe verkiezingen door de werkende bevolking. Technisch gezien bestond over deze negen zetels tussen Groot-Brittannië en China geen overeenstemming, al heeft Peking er nooit een misverstand over laten bestaan dat het vindt dat het al ver genoeg is gegaan.

De vrees is natuurlijk dat de speciale behandeling voor de kapitalistische enclave moeilijk blijvend te isoleren zal zijn van de rest van het land, met name de aanpalende vrije economische zones van China zelf. Twee systemen zou zelfs kunnen uitdraaien op een tweedeling - een onverdragelijk vooruitzicht voor Peking. Het initiatief van Patten kan tegenover de eigen hoofdstad bovendien worden uitgelegd als impliciete kritiek op de pragmatische manier waarop de regering-Thatcher Hongkong destijds uit het koninkrijksverband heeft wegonderhandeld.

Toch is er alle reden de moed niet op te geven, en dat niet alleen omdat deze gouverneur een politieke zwaargewicht is en welbewust door de regering-Major in Hongkong werd geparachuteerd. De voorgestelde verbreding van het democratische draagvlak is lang over tijd en kan moeilijk onevenwichtig worden genoemd. Betere binding van het bestuur aan de aspiraties van de bevolking is ook met het oog op de toekomst geen overbodige luxe nu de uitwerking van de Gezamelijke verklaring aanleiding geeft tot twijfel over de kwaliteit van de toegezegde rechtswaarborgen voor de burgerlijke vrijheden.

HET MOGEN dan de kleine lettertjes zijn waarop Patten zich beroept, de afspraak is duidelijk dat het Verenigd Koninkrijk tot 1997 ten volle voor Hongkong verantwoordelijk blijft, zij het onder beslag van een zware consultatieplicht. Patten speelt hoog spel, maar dat is het waard. Ook elders in de Aziatische regio blijkt dat economische vooruitgang niet onbeperkt kan doorgaan in een staatkundig dwangbuis, en het zou kortzichtig zijn mogelijke ontwikkelingen in de komende vijf jaar op voorhand weg te gooien. Reeds de komende presidentswisseling in Washington kan trouwens nog wel enig verschil maken voor de aanloop tot 1997.