De industrie is er voor de muziek, niet andersom; Reclamevrije rock 'n' roll van de Black Crowes

De Amerikaanse Black Crowes spelen in een klassieke rock 'n' roll-bezetting en klinken als de grote rockgroepen uit het begin van de jaren zeventig. Toch zijn ze volgens gitarist Rich Robinson geen "retro-band': “Wij worden voor retro-band uitgemaakt door ouderen die zelf jong waren in de jaren zestig en zeventig. Zo kunnen ze blijven volhouden dat in hun jeugd de beste muziek werd gemaakt.” Dinsdag 1 december treden The Black Crowes op in Rotterdam.

Op dinsdag 1 december treden The Black Crowes op in Ahoy' in Rotterdam.

De vloer is bezaaid met Perzische tapijtjes en uit de luidsprekers schalt muziek van de Amerikaanse hippiegroep The Grateful Dead. De rondscharrelende mannen hebben vrijwel allemaal lang haar, liefst met een scheiding in het midden, en dragen strakke heupbroeken. Alleen het ontbreken van hasjgeur doet beseffen dat het hier geen Nederlands jeugdhonk van twintig jaar geleden is, maar de kleedkamers van E-Werk, het Keulse Paradiso, waar vanavond The Black Crowes optreden. Zelfs voor de leden van deze popgroep uit Atlanta, Georgia, die toch bekend staan als propagandisten voor de legalisering van hasj en marihuana, is de Duitse sterke arm kennelijk vreeswekkend genoeg om ze te weerhouden van roken.

Een retro-band, een groep met een klassieke bezetting (2 gitaren, bas, drums, toetsen en zang) die klinkt als The Free, Humble Pie, The Faces en andere rockgroepen uit het begin van de jaren zeventig - zo worden The Black Crowes door critici meestal omschreven. Slaggitarist Rich Robinson (23) is al vergeleken met zijn collega Keith Richards van The Rolling Stones en zijn broer Chris Robinson (25) moet tot vervelens toe horen dat hij over (mislukte) liefdes en hotels zingt op een manier die doet denken aan Rod Stewart in zijn beste tijd. Het klopt allemaal wel, maar de omschrijving is toch wat gemakzuchtig. Er is veel meer te horen in de muziek dan alleen de rock van twintig jaar geleden. Soul bijvoorbeeld. Niet voor niets zette The Black Crowes op Shake Your Money Maker, hun debuut-cd uit 1990, een mooie cover van Otis Reddings "Hard to Handle'. Op de tweede cd, The Southern Musical and Harmony Companion, genoemd naar een oud gebedenboek, is het soulelement nog sterker aanwezig door het achtergrondkoortje van twee zwarte zangeressen.

Tot nu toe is de geschiedenis van The Black Crowes een klassiek succesverhaal. Al vanaf 1984 waren de broers Chris en Rich Robinson, die de kern van de band vormen, bezig met allerlei groepjes. In 1990 sloten ze een contract met het onafhankelijke Amerikaanse label Def American. Hun eerste cd met hoofdzakelijk nummers waarvan Chris de tekst en Rich de muziek schreef, namen ze in een paar dagen op met een klein budget. Een nadeel was dit niet, want het gaf Shake Your Money Maker een fris en ongepolijst karakter dat bij veel hedendaagse popmuziek ver te zoeken is.

Van hun eerste cd werden tot hun verbazing vijf miljoen exemplaren verkocht, maar dit succes was geen reden om veel meer tijd en geld te steken in de vorig jaar verschenen opvolger. Voor het opnemen van de tien nummers waren acht dagen nodig. Op The Southern Musical and Harmony Companion zijn de groepsleden in technisch opzicht hoorbaar vooruitgegaan door de 350 optredens die op hun debuut volgden, maar verder klinkt deze cd net zo direct als de eerste.

Onderaards

Waar het succes helaas wel toe heeft geleid, is dat The Black Crowes nu worden omringd door de even overdreven als ergerlijke zorg en gewichtigheid van platenmaatschappijen en managers. Een half uur praten met Rich Robinson - meer zat er echt niet in, liet de juffrouw van de platenmaatschappij weten. De nurkse tourmanager met kort haar en zonder heupbroek weet het onderhoud in E-Werk zelfs nog te bekorten.

Bij binnenkomst in het onderaardse hol, waar de magnetronovens van The Black Crowes nog nagloeien, kijkt Rich Robinson strak naar de grond. Hij is gekleed in een tuniek met oosters dessin en heeft een zwaar, uit veel metalen onderdelen bestaand sieraad op zijn borst hangen. Hij gaat ineengedoken op een stoel zitten en maakt de indruk van een weerbarstige gesprekspartner die op vragen het liefst volstaat met ja- en nee-antwoorden. Maar dat valt gelukkig mee; hij wordt zelfs kwaad, als hem wordt gevraagd wat hij van de kwalificatie retro-band vindt. De vraag is goed voor een woordenstroom, doorspekt met de nodige fuckings.

“De laatste vijftien jaar is de popmuziek van zoveel etiketten voorzien dat het vervelend wordt. Wij worden voor retro-band uitgemaakt door ouderen die zelf jong waren in de jaren zestig en zeventig. Door onze muziek af te doen als een herhaling van The Faces en Humble Pie geven ze zichzelf weer eens schouderklopje. Zo kunnen ze blijven volhouden dat in hun jeugd de beste muziek werd gemaakt.

“Het getuigt van bekrompenheid om ons zo te categoriseren. Het is niet alleen de rock van de jaren zeventig waar we naar luisteren en waar we door beïnvloed zijn. Country-music, reggae, James Brown, Otis Redding, Jane's Addiction, Led Zeppelin, Prince, Ierse volksmuziek, Gram Parsons, The Flying Burrito Brothers - er is zoveel goede muziek en het keert allemaal in een of andere vorm terug in ons eigen werk. Het is simpel: geschiedenis is belangrijk. Het was geloof ik Salvador Dali die zei dat je eerst de klassieken moest hebben verwerkt om een waarachtig kunstenaar te zijn. Zo is het ook in de popmuziek. Hoe kunnen al die bands die denken dat de muziek met Van Halen begon, ooit goede nummers maken?”

Idealisme

The Black Crowes zijn niet alleen bekend geworden door hun muziek, ook hun weigering om ook maar iets met sponsoring te maken te hebben leverde veel publiciteit op. Vorig jaar speelden de gebroeders Robinson in het voorprogramma van ZZ Top, een band die zich, zoals zoveel popgroepen, laat sponsoren, in dit geval door het biermerk Miller Lite. Avond in avond uit liet Chris Robinson merken dat hij weinig op had met sponsoring door zich tot het publiek te richten met de woorden: "This is brought to you commercial free.' Het gevolg was dat The Black Crowes onder druk van de sponsor van ZZ Top in de tweede week van de tournee die drie maanden moest duren, van het programma werden geschrapt.

De afkeer van sponsoring maakt deel uit van een idealisme waarvan iedereen dacht dat het al lang was verdwenen in de popmuziek. “Ik kan niet precies de datum aangeven maar het is al een hele tijd geleden verkeerd gegaan in de popmuziek”, zegt Rich Robinson. “Sinds de "big business' zich ermee is gaan bemoeien, is het voor goede bands steeds moeilijker geworden om in de rivier van stront omhoog te komen. De normen van de muziekindustrie zijn zo walgelijk dat iemand als Bob Dylan nu geen kans zou krijgen als hij moest beginnen. Ze zouden hem beschouwen als een "Woody Guthrie wanna be' in plaats van Bob Dylan. En The Beatles zouden niet verder meer komen dan "Please Please Me'. De dwang om geld te verdienen is dodelijk: bands verliezen tegenwoordig hun contract als ze niet meer dan 200.000 cd's verkopen.

“De radio met zijn vaste stramien, de "formats', heeft een kwalijke rol gespeeld in deze ontwikkeling. Als een nummer niet past in het "format', als het langer is dan drie minuten of op een andere manier te afwijkend is, dan draait de radio het niet. De muziekindustrie eist daarom nummers die in dat "format' passen: schrijf een nummer van drie minuten, stop er vier akkoorden in die iedereen begrijpt en zet ze in een volgorde die al tien jaar wordt gebruikt en succes heeft gehad - zo luidt de opdracht. Wij weigeren hieraan mee te doen. De muziekindustrie is er voor de muziek, niet andersom.”

Op de tegenwerping dat The Black Crowes toch zelf de weerlegging van zijn verhaal vormen, antwoordt Rich Robinson dat de rock 'n' roll ondanks zijn sombere bespiegelingen het "laatste echt creatieve medium is'. “De film en zelfs de schilderkunst zijn als kunstvormen al om zeep geholpen door de "big business', maar in de rock 'n' roll heeft een deel van het publiek nog steeds behoefte aan iets anders. Neem ons publiek. Het bestaat uit jong en oud, metalheads, deadheads en studenten, die één ding gemeen hebben: ze willen geen voorgeprogrammeerde muziek.

“We zijn natuurlijk niet de enigen die zich weten te onttrekken aan de "big business' en doen wat we willen. Ook Jane's Addiction vroeger en nu Soundgarden en Alice in Chains doen het. En Prince natuurlijk. Prince is een ongelofelijk talent, het is altijd interessant wat hij doet. Funk, rap, rock - elke muzieksoort probeert hij op een ander, onbekend niveau te brengen. Zijn laatste twee platen zijn misschien wat te glad voor mij, maar de melodieën en arrangementen blijven toch verbazen. Hij experimenteert steeds en verandert voortdurend en dat dwingt toch respect af.”

Wuft

Later, op het podium, blijkt Rich Robinson een gedaanteverwisseling te hebben ondergaan. Van de onzeker ogende, schriele jongen in de krochten van E-Werk is geen spoor meer te bekennen. Zijn broer mag dan met zijn glittertuniek en wufte dansjes de meeste aandacht opeisen, het is Rich Robinson die met vaste hand over de band regeert.

De aankleding van het podium ademt dezelfde sfeer als de kleedkamers. Ook hier liggen Perzische tapijten op de vloer en het decor bestaat hoofdzakelijk uit met gekleurde lampen bezaaide netten, die vroeger, in weliswaar kleinere uitvoeringen, ook wel werden gebruikt op schoolfeesten. Op de achtergrond verschijnen tijdens het concert verschillende grote doeken met afbeeldingen van bijvoorbeeld skeletten die het Laatste Avondmaal vieren of met een groot hennepblad en de tekst "Free Us - No Narcs'. En van tijd tot tijd worden de drie grote discoballen beschenen, die het kale dak van E-Werk veranderen in een sterrenhemel. Het zijn eenvoudige, bijna knullige middelen, maar na al die elkaar in aantallen watts overtreffende lichtbombardementen van beroemde groepen is de show van The Black Crowes een verademing. Dit geldt ook voor hun muziek. Door de afwezigheid van de achtergrondzangeressen zijn The Black Crowes in levenden lijve minder "soulful' dan op de plaat, maar er blijft genoeg over om het optreden dampend en meeslepend te maken. Jazeker, de ingrediënten zijn bekend en soms zelfs al tientallen jaren oud, maar The Black Crowes maken er iets zeldzaams van: rock 'n' roll met respect voor de traditie en toch ongehoord.