Mentor voor migranten

Toen hij nog op de MAVO zat voeltbalde Vikash Ramtahalsing (23) altijd op het veldje voor de HEAO. ""Daar zit ik over een paar jaar'', pochte hij tegen zijn vriendjes terwijl hij naar het imposante gebouw wees. Dat is mijn doel, dacht Vikash. En hij heeft woord gehouden: als derdejaars student commerciële economie hoopt hij volgend jaar af te studeren aan de Haagse Hogeschool. Op elfjarige leeftijd kwam hij uit Suriname, binnenkort gaat hij voor zes maanden terug als stagiair bij een bouwnonderneming die het Marowijne-gebied in het binnenland wil ontsluiten.

Behalve aan zijn studie heeft Vikash de handen vol aan het voorzitterschap van de IMSO, de Internationale Migranten Studenten Organisatie, een vereniging die de belangen van allochtone studenten aan de Haagse Hogeschool behartigt. De IMSO houdt kantoor op de zolder van de voormalige Sociale Academie en naast Vikash zijn ook bestuursleden Cherry Schrijvers van Zenden (24) en Inci Tasdemir (22) aanwezig. Cherry is als derde generatie "Indo' niet zo heel erg allochtoon, maar hij voelt zich een halve Turk, want met zijn hartsvriend Ali verblijft hij regelmatig in Turkije. Inci, die als kleuter met haar Turkse familie naar Nederland kwam, knikt goedkeurend als Cherry allerlei wetenswaardigheden over de Turkse cultuur te berde brengt. Niet aanwezig zijn de bestuursleden Sharmaine Khitanea, afkomstig uit Guyana, Waheeda Mohammedamin, van Surinaamse afkomst en Martin Tuerlings, die als Hagenees voor de broodnodige integratie zorgt.

"Heb jij ook het gevoel dat je er alleen voorstaat als student?', vraagt het affiche dat de IMSOverspreidt. Toen het op beroepskeuze aankwam in de laatste klas van het VWO had Inci zeker het gevoel dat ze er alleen voor stond. Haar ouders steunden haar weliswaar in haar wens om verder te studeren, maar als Turkse immigranten hadden zij helemaal geen idee wat het hoger onderwijs zoal te bieden heeft. Dankzij de extra bemoeienissen van de decaan ging Inci toegepaste huishoudwetenschappen studeren aan de Haagse Hogeschool, een keuze waar ze als bijna-afgestudeerde nog steeds erg tevreden mee is.

Fabriek

Vikash en Cherry vonden vooral de overgang van de MEAO naar de HEAO erg groot. ""Je komt in een fabriek, je moet alles zelf doen en je ziet de docenten nauwelijks'', zegt Cherry, die in het tweede jaar zit. Ook al is de toeloop van studenten van buitenlandse komaf op de HEAO betrekkelijk groot - de studie heeft een goede naam onder migranten - het aantal uitvallers is ook zorgwekkend hoog. ""Een op de tien allochtone studenten haalt de eindstreep'', weet Vikash, ""de meesten struikelen al in het eerste jaar.''

Zelf kende hij gelukkig een ouderejaars student die hem goede raad gaf. Maak je eerste tentamens heel goed, probeer zo min mogelijk te missen en neem in het begin geen bijbaantje, had deze hem geadviseerd en Vikash merkte al snel hoe belangrijk het is om een goede start te maken: ""Je voelt je student, je bent die HEAO-er die je altijd had willen zijn.'' Op grond van zulke ervaringen is de hogeschool een mentoraat voor allochtone eerstejaars studenten begonnen, waar de IMSO een belangrijke rol in vervult.

Cherry en Vikasj hebben ieder vier beginners onder hun hoede. Ze zijn het erover eens dat allochtone studenten makkelijker steun bij elkaar zoeken dan bij Nederlandse studenten, ook al zijn ze van verschillende nationaliteiten. ""Ze begrijpen elkaars problemen beter'', meent Inci. Zelf was ze bij toegepaste huishoudwetenwschappen de enige eerstejaarsstudent van buitenlandse origine. De IMSO kan voor deze studenten een tussenschakel zijn, een plek waar je elkaar kunt ontmoeten en over specifieke problemen kunt praten. Bijvoorbeeld over de situatie thuis, want die wil nog wel eens op gespannen voet staan met het studentenleven.

""Als Turks meisje ben ik beperkt in mijn doen en laten'', erkent Inci. ""Ik mag 's avonds niet meer weg van mijn ouders, hoewel ze daar wat soepeler mee omgaan nu ik in het bestuur van de IMSO zit. Natuurlijk was het leuker geweest als ik aan meer dingen had kunnen meedoen, ik voelde me wel eens buitengesloten.'' Toch accepteert ze de grenzen die haar ouders stellen, want ze vindt het ""zo gaaf'' dat haar ouders zo achter haar staan. Een ander probleem voor veel allochtone studenten is de taalbarrière, zeker als het om scripties en het gebruik van beroepstaal gaat. Doordat het IMSO dit soort zaken signaleert kan de Haagse hogeschool voor extra faciliteiten zorgen. Zo konden afgelopen zomer aankomende eerstejaars van buitenlandse komaf een speciale cursus Nederlands en studievaardigheden volgen. Het vorige IMSO-bestuur ging zelfs zo ver dat ze op hun zolder bijlessen aanboden voor de vakken waar veel studenten moeite mee hadden. Dat liep goed en het initiatief trok ook Nederlandse studenten, maar het huidige bestuur vindt deze vorm van dienstverlening eigenlijk te ver gaan. ""Je moet niet de taak van de school overnemen'', vindt Cherry. ""Wij kunnen iets signaleren maar we zijn geen educatief centrum.''

Kinderen van migranten hebben weinig zelfvertrouwen en durven niet snel iets te vragen aan een docent, dat maken de drie bestuursleden van het IMSO dagelijks in hun omgeving mee. ""Ze zijn bij voorbaat al bang dat ze het niet zullen halen'', zegt Inci, ""en als ze niet gesteund worden door hun ouders of door de school haken ze af.'' Viskash weet overigens uit eigen ervaring dat docenten een houding kunnen hebben van: "jij haalt het toch niet want je bent een allochtoon'. ""Je moet dubbel presteren'', is zijn overtuiging maar, zo denkt hij, ""dat zal ik ook moeten als ik ga werken, want een allochtoon in het management wordt nog lang niet door iedereen geaccepteerd.''

Op vrijdagmiddag als de lessen zijn afgelopen is het vaak druk op de IMSO-zolder. Dan wordt er over dit soort dingen gepraat. ""Op school houd je je in'', zegt Vikash, ""hier kun je je hart luchten.''