"Cirkante' yoghurtbeker en konijnefluitketel bekroond; Predikaat "Goed Industrieel Ontwerp' geeft geen garantie voor interessante, vernieuwende produkten

De produkten die de jury te slecht vond voor de ioN-erkenning "Goed Industrieel Ontwerp' zijn volgens juryvoorzitter prof.ir.J.J. Jacobs eigenlijk het interessantst. Jacobs is hoogleraar Industrieel Ontwerpen aan de TU in Delft en reikte vorige week donderdag in Slot Zeist de jaarlijkse ioN-erkenningen uit. Tien van de zesenvijftig ingediende produkten vonden geen genade in de ogen van de jury. De produkten die het wel haalden, vond Jacobs "heel erg braaf'. Hij prefereerde voor de toekomst een "master-class' van industriële ontwerpen boven het zoveelste rijtje voorbeeldige produkten.

Die tien afgekeurde inzendingen waren niet te zien, want producenten en importeurs halen het niet in hun hoofd om hun produkten in te sturen als ze de kans lopen in het openbaar te worden afgekraakt. De zesenveertig inzendingen die wel een ioN-erkenning behaalden, werden op video getoond met een kort commentaar van de jury. Deze door drieëndertig bedrijven ingestuurde produkten waren getoetst op de criteria functionaliteit, orginaliteit, vormgeving, ergonomie en materiaalgebruik, waarbij de drie eerste criteria dubbel scoorden. De organisatoren vergelijken de ioN-erkenning graag met andere Europese erkenningen zoals de Duitse Gute Industrieform en de Deense ID-Prise. In Duitsland gaat het allemaal wat grootschaliger. Daar worden jaarlijks zo'n vierhonderd produkten erkend.

Vrijwel alle nieuwe produkten uit binnen- en buitenland die in Nederland verkrijgbaar zijn, komen in aanmerking voor de ioN-erkenning, die sinds 1986 bestaat. Dit jaar ging het predikaat "Goed Industrieel Ontwerp' onder meer naar een douchebrancard, een boiler, de "cirkante' Mona-yoghurtbeker, een mobiele veilingklok, de Hema-fluitketel Le Lapin, een zuurkast, de Minibar van Wagon-Lits, een perronbank en een infozuil. Verder ontvingen kantoormeubelen van Ahrend (4), Aspa (3) en Assenburg (2) en zeven audiovisuele apparaten van Philips (onder meer de DCC software cassette) een onderscheiding. Het overgrote deel van de inzendingen is van Nederlandse origine.

Philips gebruikt de ioN-erkenning nooit in reclame-uitingen. Het bedrijf vreest dat bij de consument de indruk zou kunnen ontstaan dat de andere Philips-produkten niet goed ontworpen zijn. Dit is het probleem van de ioN-erkenning: buiten de kring van industrieel ontwerpers kent vrijwel niemand het fenomeen. De jury maakt zich geen overdreven illusies en hoopt dat de ioN-erkenning in eerste instantie zal bijdragen aan de discussie binnen het vakgebied industrieel ontwerpen. Ondertussen proberen de organisatoren de televisie te interesseren voor de uitreiking om de erkenning zo meer bekendheid te geven.

Het aantal inzendingen is de afgelopen jaren stabiel en het aantal afgekeurde produkten neemt af. “De inzenders worden kritischer,” luidt de verklaring van de jury. “Het is verheugend dat we weer zoveel erkenningen mogen uitdelen, maar de zessen en de zevens vieren hoogtij. Het experiment, het je nek durven uitsteken komen we veel te weinig tegen”, zei Jacobs. Hij hoopt volgend jaar verrast te worden door ondernemingen met een uitdagender produktbeleid.