Zeldzaam muzikale violiste Midori levert virtuoos vuurwerk

Concert: Midori (viool) en Robert McDonald (piano). Programma: F. Schubert: Sonatine in D (D384); L. v.Beethoven: Kreutzersonate; E. Elgar, Sonate in e, opus 82; C. Debussy, La fille aux cheveux du lin; de Sarasate, Zigeunerweisen. Gehoord: 25/11 Concertgebouw Amsterdam.

Wie gisteravond de kleine ranke 21-jarige Japanse violiste Midori onbekommerd, maar beslist op haar gouden muiltjes de trappen van de Grote Zaal zag afdalen, kon niet vermoeden dat zij twee uur lang als een muzikale wervelwind de ruimte zou vullen met de meest betoverende klanken die haar instrument gemeten naar menselijke maatstaven kan voortbrengen.

Wat haar meteen tot een van de werkelijk grote violisten van onze tijd stempelt, is niet in de eerste plaats de op zichzelf verbazingwekkende wendbaarheid en technische perfectie van haar violistisch kunnen. Er zijn meer vertolkers die met eenzelfde verbluffend gemak als Midori de meest ingewikkelde huzarenstukjes op de viool uithalen. Bij Midori wordt dit alles echter gedragen door een zeldzaam muzikale passie, die maakt dat zij met elke vezel van haar wezen voor meer dan honderd procent innerlijk betrokken blijft bij haar spel. En om dit alles te completeren: de romantische vervoerende schoonheid van haar nu eens verfijnd innige, dan weer volle en krachtige toon blijft steeds onderdeel van een klassiek evenwichtige en stijlvolle interpretatie, zoals alleen gerijpte kunstenaars die kunnen geven.

Zo speelt Midori de variaties van het andante in de Schubert-sonatine met een hartverwarmende lieflijkheid om vervolgens in het allegro vivace met beheerste felheid iedere noot optimale muzikale betekenis te geven. In de overbekende Kreutzersonate brengt zij het wonder tot stand om elk onderdeel als nieuw te laten klinken en tegelijk de indruk te wekken dat Beethoven het zo en niet anders heeft bedoeld. Bovendien durft Midori het aan om in de Beethovensonate niet louter stralend de innige tonen van hemelse schoonheid en zeldzame verfijning te produceren, maar met een driftige felle streek eveneens de ruige, zich om esthetiek weinig bekommerende passie van deze muziek het volle pond te geven. Weergaloos mooi was Midori's vertolking van Elgars te weinig gespeelde Sonate, verbazingwekkend de tot in alle hoeken van de zaal doordringende fluisterende intimiteit van Debussy en overweldigend de wijze waarop de kunstenares in De Sarasate's Zigeunerweisen als een echte "Stehgeigerin' de viool nu eens liet huilen om daarna met een onwaarschijnlijk lichte toets op het instrument een betoverend virtuoos vuurwerk te ontsteken. Robert McDonald was de hele avond op persoonlijke wijze een ideale muzikale partner, wiens spel tot in de kleinste onderdelen volmaakt aansloot bij dat van Midori.