Instituut moet informatie over verwekker geven

DEN BOSCH, 25 NOV. Het instituut Valkenhorst in Breda moet binnen vijf dagen aan R. Monteyne en P. Derks inzage verlenen in de gegevens met betrekking tot hun afstamming.

Ook moeten zij een een afschrift van deze gegevens krijgen. Dat heeft het gerechtshof in Den Bosch vanochtend in hoger beroep bepaald. Eerder had de rechter in Breda hen dat recht ontzegd omdat hij meent dat de belangen van de moeders zwaarder wegen dan die van de kinderen.

Monteyne werd in 1944 in Valkenhorst, dat toen Moederheil heette, geboren. Haar moeder was ongehuwd, wie haar vader was wist ze niet. Monteyne heeft er jarenlang voor geijverd om erachter te komen wie haar biologische vader is. Op dit moment is Valkenhorst een FIOM-tehuis voor ongehuwde moeders en hun kinderen. In een reactie op de uitspraak zei Monteyne dat andermaal “geen prinicpiële uitspraak is gedaan. Kinderen van wie de moeder nog leeft hebben nog steeds geen inzagerecht”.

Volgens de advocaat van Monteyne c.s., A. Philips heeft Valkenhorst zich steeds ten onrechte beroepen op geheimhoudingsplicht ten aanzien van de moeders. Niet alleen in het Verdrag van het kind, maar ook in het wetsontwerp Donorgegevens kunstmatige inseminatie wordt uitgegaan van de primaire belangen van het kind. “Het gaat om zwaarwegende belangen, die kinderen hebben bij het inzien van dossiers waaruit ze kunnen opmaken wie hun vader is geweest. Alleen al op basis hiervan is de eis toewijsbaar”, aldus Philips vorige maand voor het gerechtshof in Den Bosch. Philips vroeg tijdens die zitting af zich af wiens belang wordt beschermd bij het niet ter inzage stellen van de afstammingsgegevens. “De moeder heeft van meet af aan het belang moeten beschermen van de verwekker, die daardoor de lachende derde is geworden. Wat Valkenhorst presenteert als een positieve daad ten opzichte van de moeders is in feite juist negatief omdat het nog eens bevestigt hoe slecht en schandelijk het is geweest wat die meisjes van toen is overkomen”, aldus de advocaat.