Vrees voor nieuwe devaluatie van peseta

De devaluatie kon er ook nog wel bij. De al enige tijd verwachte aanpassing van de wisselkoersen heeft gisteren en vandaag nieuw voedsel gegeven aan het groeiende pessimisme over het korte termijn-perspectief van de Spanse economie. Aan de ene kant durft niemand te ontkennen dat de aanpassing hard nodig was, maar anderzijds wordt ze in brede kring gezien als bewijs voor het failliet van de huidige economische politiek. Deze opvatting huldigen ondermeer de vakbonden, wier steun de laatste weken door premier Gonzalez is gevraagd voor de verkiezingen van volgend jaar. Maar ook werkgeversvoorzitter Cuevas is deze mening toegedaan. Hij zei gisteren een derde devaluatie te verwachten als de regering niet snel een einde maakt aan de heersende onzekerheid en suggereerde dat een koerswijziging het beste tot stand zou kunnen komen na vervroegde verkiezingen. Zo'n koerswijziging betekent immers het einde van de huidige "neo-liberale' politiek, die in de eerste plaats gericht is op het voldoen aan de beheerseisen van de toch al zwaar slagzij makende economische en monetaire unie.

De peseta hield zich intussen goed op de eerste dag met de nieuwe koersen, dankzij de steun van een interbancaire rente die steeg naar 13,75 procent. Alle grote Spaanse banken hebben nu hun tarieven verhoogd met 0,5 tot één procent. Bedoeling van de rentestijging is uiteraard het verhogen van de aantrekkelijkheid voor buitenlandse investeerders en het tegengaan van de inflatie. Tegelijkertijd is het echter een rem op de binnenlandse investeringen en daarmee op de groei van de economie.

En die afnemende economische activiteit is het meest opvallende verschijnsel in het economisch panorama van dit najaar. Vorig jaar werd nog een groei van het BNP met 2,4 procent genoteerd, ruim boven het Europees gemiddelde. Voor dit jaar werd op 1,5 procent gehoopt, maar deze verwachting moet nu bijna wekelijks naar beneden worden bijgesteld. Volgens het laatste Economisch Bulletin van de centrale bank groeit de Spaanse economie sinds juli nog maar met minder dan één procent en dat is het laagste cijfer van de afgelopen tien jaar. In de begroting voor 1993 is minister Solchaga uitgegaan van een groei van één procent, maar deze vooronderstelling wordt door de bank als onrealsitisch van de hand gewezen. Het gezaghebbende agentschap Moody's voorspelde eerder deze maand een nulgroei voor 1993 en overweegt tot afgrijzen van de regering de rating van Spanje naar beneden bij te stellen. De kredietwaardigheid in de ogen van buitenlandse geldverschaffers neemt daardoor af en dat maakt het doorgaans duurder om de staatsschuld te financieren.

Geheel in lijn met het huidige economisch beleid adviseert de Spaanse bank de broekriem nog wat strakker aan te halen; de overheid moet bezuinigen en de salarissen moeten omlaag. Op papier wordt er inmiddels al flink bezuinigd, maar minister Solchaga klaagt terecht over een ontstellend gebrek aan begrotingsdiscipline bij zijn collega's en bij de lagere overheid. In september was het voorziene tekort van anderhalf biljoen peseta al geheel opgesoupeerd; de minister moet het gat zien te dichten met extra inkomsten uit verhogingen van BTW en inkomstenbelasting. De vakcentrales zijn niet bereid tot loonmatiging wanneer daar geen stimuleringsbeleid tegenover staat. Overmorgen staken om te beginnen alle ambtenaren voor meer salaris, andere sectoren zullen vermoedelijk binnenkort volgen.

De looneisen worden slechts gematigd door de toenemende werkloosheid, vooral in de particuliere sector. Zowel in de industrie als in de bouwnijverheid wordt nu, na een opleving in de eerste maanden van het jaar, een negatieve groei genoteerd met de daarbij horende arbeidstijdverkorting en ontslagen. Alleen de dienstverlenende sector vertoont nog enige leven, vooral dankzij het toerisme. Want terwijl Spanjaarden hun consumptie ernstig moeten beperken en de groei van de binnenlandse vraag in de loop van het jaar is afgenomen van vijf procent naar nauwelijks twee, begint het land voor buitenlandse bezoekers weer aantrekkelijk te worden. Voor investeerders zijn recessie en devaluatie slechte tijdingen, maar wie goedkope zon zoekt kan binnenkort weer goed in Spanje terecht.