Van Rooy tegen afstaan onderdeel van ministerie

DEN HAAG, 24 NOV. CDA-staatssecretaris Van Rooy (economische zaken) vindt het “buitengewoon ongewenst” dat het directoraat-generaal voor de buitenlandse economische betrekkingen zou worden ondergebracht bij een op te richten departement Internationale Economische Samenwerking. Van Rooy zei dit gisteren in de Tweede Kamer tijdens een overleg over het buitenlandse handelsbeleid.

PvdA-fractievoorzitter Wöltgens pleitte afgelopen zaterdag voor de verbreding van de taken van Ontwikkelingssamenwerking. De klassieke ontwikkelingshulp beantwoordt niet meer aan de verplichtingen waaraan Nederland moet voldoen. Behalve voor de hulp aan de Derde-wereldlanden moet ook geld worden uitgetrokken voor de steun aan Oost-Europa, milieubeleid, humanitaire acties en vredesoperaties, meent Wöltgens. Het directoraat-generaal voor de buitenlandse economische betrekkingen zou ook moeten worden ondergebracht in het nieuwe ministerie van Internationale Economische Samenwerking.

Van Rooy onderstreepte dat ook in andere EG-landen de ministeries van economische zaken belast zijn met het exportbeleid. Economische Zaken stelt het belang van het Nederlandse bedrijfsleven voorop. Zaken als een rechtvaardiger internationale orde en het belang van ontwikkelingslanden worden als “sub-doelstellingen” gezien.

Volgens Van Rooy is het onverstandig die volgorde om te draaien in een nieuw departement dat zich vooral richt op internationale hulp. “Weet wel wat voor goed functionerende structuur je weggooit. Daar zou dan wel iets héél goeds voor in de plaats moeten komen”, aldus de CDA-staatssecretaris.

De commissie-Van Dijk (CDA) hield begin dit jaar een fel pleidooi voor één buitenlands beleid dat niet over de departementen is versnipperd. Het ontwikkelingshulpbeleid zou onder de staatssecretaris van buitenlandse zaken moeten ressorteren. Deze CDA-opvatting wordt gedeeld door de VVD.