Opnieuw zware kritiek op Britten als EG-voorzitter

BRUSSEL, 24 NOV. Het Britse voorzitterschap van de EG is gisteren voor de tweede keer in vijf dagen door de andere lidstaten zwaar onder vuur genomen.

Tijdens een bijeenkomst van Europese ministers van financiën weigerde het Verenigd Koninkrijk de Britse compensatie voor de contributie te bespreken, waarna een enkele minister zo boos werd dat hij dreigde op te zullen stappen. “Als dàt de Britse houding is, dan kunnen we net zo goed naar huis gaan”, aldus de Duitse staatssecretaris Horst Köhler. De Nederlandse minister Kok sprak van een Brits "Diktat'.

Vorige week blokkeerden de Britten EG-besluitvorming over subsidiëring van High Definition Television, wat de Franse minister toen tot de kwalificatie "rampzalig' bracht toen hem werd gevraagd naar de kwaliteit van het Britse EG-voorzitterschap. De Nederlandse minister Maij-Weggen sprak van een “blokkerend en saboterend” Brits optreden, en “een beschamende vertoning”.

In de vergadering gisteren noemde minister Kok de Britse weigering “onbegrijpelijk” en “een zware hypotheek op Edinburgh”. Kok meent dat de Britten zo een akkoord over het financiële meerjarenplan ter uitvoering van het Verdrag van Maastricht tijdens de Europese Raad half december volledig blokkeren. Na afloop sprak de vice-premier van “een voorzitterschap die de samenhang van de lidstaten volledig verduistert”. Het Verenigd Koninkrijk slaagt er volgens hem niet in de EG “het zicht op een gezamenlijke politieke toekomst” te bieden. “Onhelderheid overheerst”, aldus Kok.

Groot-Brittannië draagt jaarlijks zes miljard ecu aan de EG af. Via een directe compensatie-regeling - de zogeheten "British rebate', afgedwongen door premier Thatcher - krijgt het 3 miljard meteen weer terug. Alle lidstaten menen dat deze regeling geleidelijk aan moet worden opgeheven. De Britten wijzen er ter verdediging op dat zij na de Bondsrepubliek (7.5 miljard ecu) de hoogste contributie aan Brussel betalen. Het Britse parlement zou een "verhoging' naar 6 miljard nooit accepteren, aangezien het Verenigd Koninkrijk het op vier na armste land in de EG is, zo wordt aangevoerd.

Kok noemde de Britse opstelling “een blokkade op voorhand”. Hij wees erop dat “voor allemaal geldt dat onze centen kostbaar zijn” en “dat dus geen argument kan zijn”. Kok noemde de bijgestelde plannen van de Europese Commissie om in zeven jaar in plaats van in vijf de uitgaven te verhogen “ook nog te hoog in de boom”. Hij werd daarin gesteund door Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië en Italië. Alleen België, Luxemburg en Denemarken steunden dit compromis van Delors. Spanje, Portugal, Ierland en Griekenland hielden vast aan het oorspronkelijke plan en vonden dat Delors nu niet ver genoeg ging.