Koppelen tegen fraude

In NRC Handelsblad van 17 november schrijft Jan A.G.M. van Dijk over de "vervuilde' computerbestanden. Dit probleem is niet nieuw: al twintig jaar geleden ontdekten veel gemeentelijke automatiseerders de verschillen in computerbestanden van bevolkingsgegevens, nutsbedrijven-administraties, gemeentelijke bestanden omtrent belastingen, leerlingen. Deze verschillen vloeiden vooral voort uit de onwil of de onverschilligheid van de burger, om zich overeenkomstig de wettelijke voorschriften te laten registreren.

Pas als men er belang bij had zich op correcte wijze te laten vermelden in een bestand, tegen de tijd dat er verkiezingsoproepen de deur uitgingen, of gebruik kon worden gemaakt van een financiële tegemoetkomingsregeling, was men er als de kippen bij de nodige correcties te laten aanbrengen.

Merkwaardig is dat van de overheid wel verwacht wordt om een efficiënte en zo goedkoop mogelijke administratie te voeren, doch zodra zich een middel aandient om dit ideaal dichterbij te brengen, men moord en brand schreeuwt over de privacy.

Als oplossing noemt Van Dijk de vereenvoudiging van regelgeving en de stroomlijning van instanties op het gebied van de sociale zekerheid en belastingen. Afgezien van de omvang van de problematiek (commissie Veldkamp!) vraag ik mij af, welk effect dit kan hebben op een gedisciplineerder gedrag van krakers, huursubsidietrekkers, illegalen, zwart-rijders en zwart-kijkers, studenten, zwartwerkers en bijstandsfraudeurs ten opzichte van de overheid.

Het artikel wekt de indruk, dat de overheid in ons land zich niets gelegen zou laten liggen aan de privacy-bescherming. Hier blijkt dat Van Dijk niet op de hoogte is van de jarenlange bemoeienissen van de overheden op alle niveaus om hieraan aandacht te schenken, en de nodige zorgvuldigheid in acht te nemen. Ik onderschrijf de opmerking van burgemeester Peper: “Wie niets te verbergen heeft, hoeft ook niets te vrezen”. Wat oorlogservaringen hiermee te maken hebben (en die heb ik ook) ontgaat mij volledig.

Dinsdag