Europarlementariërs tegen dubbelmandaat

DEN HAAG, 24 NOV. Europarlementariërs koesteren al jaren een frustratie. Ze worden door hun partijgenoten op het Binnenhof niet serieus genomen, en van het Haagse vergaderciruit buitengesloten. Eerder dit jaar kwam premier Lubbers met een remedie daarvoor: het dubbelmandaat van Europarlement en Tweede Kamer. Hij kreeg bijval van CDA-fractieleider L.C. Brinkman die gisteren op de vergaderzolder van het voorlichtingsbureau van het Europarlement zijn kans aangreep om dit idee te verdedigen voor een gezelschap uit het "Eurocircuit'. Brinkman begon met een pleidooi voor het dubbelmandaat, maar eindigde met een "Gemengde Commissie' - waarin Europarlementariërs mogen meepraten - als reële uitweg.

“De Euro's zijn gelukkig niet altijd in Guatemala”, aldus de CDA-leider. “Nogal wat leden zijn vaak in Nederland te zien. Is het dan gek dat te combineren met een plaats in de Tweede Kamer”, zo vroeg hij zich af. Voor diverse genodigden uit het Euro-circuit was dat wat al te simpel, vrijwel geen enkele wierp zich op als groot pleitbezorger van het dubbelmandaat. “Je kunt niet op twee plaatsen tegelijk zijn”, zei F. van der Gun (CDA) die het lidmaatschap van de Tweede Kamer jarenlang combineerde met een plaats in het Europarlement. Volgens hem valt een dubbelmandataris tussen wal en schip, omdat hij in geen enkel circuit voor vol wordt aangezien. Een dubbelmandataris is vrijwel per definitie een "backbencher' in Den Haag en Brussel.

Volgens Brinkman is de combinatie wel mogelijk als de Kamer minder vergadert. “Hoe minder vergaderen, hoe meer invloed.” Als tussenoplossing werden in sommige landen bekende politici als Bettino Craxi of Willy Brandt op de Euro-lijst gezet, met een dubbelmandaat. “Maar die mensen zag je dus bijna nooit”, zei W. Albers (PvdA). “Je kunt wel voor grotere inwisselbaarheid zorgen. Bekende nationale politici die naar Europa gaan, en later weer terugkeren.”

De parlementaire circuits van Den Haag en Brussel zijn - daar waren de meeste genodigden het over eens - twee “aparte culturen”. Een onderzoek van de Rotterdamse hoogleraar R. van Schendelen leverde de gegevens bij het onbehagen. Van de Tweede-Kamerleden vindt 79 procent het Europese Parlement “uiterst onbelangrijk” en van de Eerste-Kamerleden 51 procent.

J.W. Bertens (D66), ex-ambassadeur in Costa Rica: “In Costa Rica heb ik 52 Kamerleden op bezoek gehad, in Brussel zie ik ze nooit.” Ook E. Woltjer (PvdA) herinnert eraan hoe de Europarlementariërs systematisch buiten het Binnenhof werden gehouden. Alle pogingen om in Kamercommissies te mogen meepraten werden getorpedeerd “op staatsrechtelijke gronden”. Er is, zo zegt hij, af en toe overleg, maar het stelt niet veel voor. “Ik kan gewoon niet meedoen aan het politieke debat, je moet alles achter de schermen doen.” In België en Duitsland zijn wel "Gemengde Commissies' ingesteld waar overleg is geïnstitutionaliseerd.

Het dubbelmandaat, zo vindt J. Penders (CDA), is geen oplossing voor de kloof tussen Den Haag en Brussel, sommigen vinden het een paardemiddel. Ook Penders wijst het idee van Brinkman van de hand. “Er is al een dubbelmandaat tussen de Tweede Kamer en de assemblee's van de NAVO en de Westeuropese Unie (WEU). Werkt dat dan wel?” Het dubbelmandaat leidt, zo zegt journalist S. Mol, tot veel absenteïsme. Franse en Italiaanse dubbelmandatarissen zijn vaak afwezig; soms moeten stemmingen worden gestaakt, omdat in het Europarlement onvoldoende leden aanwezig zijn.

Het debat over het dubbelmandaat spitst zich toe op de vraag hoe het werk in het Europese Parlement en de Tweede Kamer beter op elkaar kunnen worden afgestemd. Een gemengde commissie wordt als remedie gezien, te meer omdat in het kader van de subsidiariteit de nationale regeringen kunnen bepalen of de Europese Commissie in Brussel zich met een bepaalde zaak mag bezighouden. In elke Kamerfractie zijn er leden die affiniteit hebben met Europa, terwijl het anderen niet veel kan schelen. De zwakte van vrijblijvend overleg is dat "bekeerden' vaak met elkaar aan tafel zitten. Als Europa belangrijker wordt, zou een gemengde commissie ook de "sceptici' aantrekken. Penders is echter tegen stemrecht voor Europarlementariërs. “Dat zou leiden tot een vermenging van verantwoordelijkheden.” Ook Brinkman komt in het vaarwater van de gemengde commissie, al ziet hij in het gebrek aan echte bevoegdheden het manco van het Europarlement. “Ik zou wel in het Europese Parlement willen zitten, gesteld dat ik parlementariër zou blijven.”