Talrijke fouten bij oprollen van bende

ROTTERDAM, 21 NOV. In de zaak van de Amsterdamse "XTC-bende' zijn gisteren vonnissen van tien tot twee jaar geveld. Twee weken geleden sprak officier van Justitie A.O. van der Kerk in zijn requisitoir nog van “een crimineel imperium zoals wij nog maar zelden in Nederland hebben gezien”. Nog nooit werd inderdaad op grootschaliger wijze een chemische drug geproduceerd en verhandeld. Het oprollen van de bende werd door de politie beschouwd als het eerste grote succes van het interregionale rechercheteam Noord-Holland/Utrecht (IRT). Het ongeveer tachtig man tellende IRT werd eind 1989 opgericht ter bestrijding van de zware en georganiseerde misdaad.

Na de vonnissen moet de vraag worden gesteld of deze zaak inderdaad een "succes' mag heten.

Eén van de IRT-rechercheurs wilde tijdens de zittingsdagen off the record wel toegeven dat het merendeel van de verdachten niets met "zware en georganiseerde misdaad' van doen had. Ook vond hij dat de inspanning van het opsporingsonderzoek niet opwoog tegen het risico dat XTC voor de volksgezondheid zou betekenen. Evenmin kon hij de bende als gevaarlijk ofgewelddadig bestempelen.

In de Belgische pers - de XTC-grondstof werd in Brussel besteld - werd gegniffeld. Wie stonden daar in het grootste XTC-proces eigenlijk terecht? Toch voornamelijk “de kleine garnalen”: een koekenbakker, een rondborstige kastelein, een zeekapitein, een analfabete woonwagenbewoner en iemand die steeds moest pinkelen. Tegen het licht van de fouten en onhandigheden van het openbaar ministerie en de politie is het niet vreemd dat er werd gegniffeld.

Om te beginnen beschikte de politie over een lijst van bijna vijftig namen van verdachten en stonden er slechts acht terecht. Dat lag niet alleen aan het IRT.

Van hoofdverdachte Ton van D. werd niets meer vernomen nadat hij door twee mannen in burger uit het huis van bewaring was gehaald. Met een zogeheten "lichtingspapier' - met de mededeling dat de verdachte op het Amsterdamse politiebureau Lijnbaansgracht moest worden verhoord - verdwenen de mannen met Van D. van wie nu 72 miljoen gulden wordt geëist.

Ook ontbrak Danny L., die wordt verdacht een belangrijke schakel in de handel in chemicaliën te zijn. De Belgische bedrijfsarts mocht - ofschoon bij zijn arrestatie in het bezit van een vals paspoort - na een borgtocht van 100.000 gulden de begrafenis van zijn grootmoeder in Hasselt bijwonen.

Ton R., de man die onder een valse naam bij de ABN/AMRO-bank Britse ponden ter waarde van tientallen miljoenen guldens wisselde, stond evenmin voor de rechter. R. werd gewekt door het lawaai ten huize van zijn buurman, Robert W.,die nu tot twee jaar is veroordeeld. In jogging kleding informeerde hij bij de politie die aan W.'s deur stond of er soms bij zijn buurman was ingebroken. De politie raadde hem aan door te lopen: er was bij een zware crimineel een inval gedaan. R. nam zich de raad ter harte en is tot op heden onvindbaar. Evenals Johan F., een ander financiëel brein. Toen de politie eraan dacht hem te arresteren zat hij al in Marokko.

Door een fout van de strafgriffie van de Amsterdamse rechtbank moest ook de laatste hoofdverdachte in de XTC-zaak, Ronald van E., uit voorarrest ontslagen worden. Het faxbericht waarop hij beroep aantekende tegen de verlenging van zijn voorarrest raakte zoek bij de strafgriffie. Daarop besloot het gerechtshof het besluit te vernietigen hem in voorlopige hechtenis te houden.

Nu moeten nog ongeveer veertig mensen - die hand- en spandiensten voor de XTC-bende hebben verricht - voorkomen. Men mag hopen dat de politie en het openbaar ministerie van hun fouten hebben geleerd.

    • Hans Moll