Liljana, houd nu eens even je mond dicht!

KRASNOJARSK, 21 NOV. Zestig jaar oud is ze. Als makelaar in alles wat in Krasnojarsk los en vast zit, heeft ze zojuist in een kleine vijfentwintig minuten vijfentwintigduizend roebel verdiend. Dat is wel even wat meer dan de fooi van zesduizend roebel waar haar eigen geleerde professor elke maand mee thuiskomt, zo laat ze met genoegen weten.

Liljana is van huis uit helemaal geen biznismen maar regisseuse. Altijd heeft ze in Siberië de plaatselijke operettegezelschappen geleid. Toen ze een jaar geleden met pensioen ging, heeft ze ontdekt dat ze haar "Armeense bloed' niet kan verloochenen. Weliswaar heeft ze haar hele leven als dochter van Armeense pioniers in het "woeste oosten' gewoond, de neiging om als een razende activiteiten te ontplooien, is ze nooit kwijtgeraakt. Daarom is ze nu op de handel gedoken.

We zitten bij haar thuis in de Baumanstraat van Krasnojarsk. Bijna elke stad heeft wel een straat die vernoemd is naar deze Letse bolsjewiek die, met generatiegenoten als Kirov en Koejbisjev, in de jaren twintig razendsnel carrière kon maken in het apparaat, maar daarna wegens zijn al te hardvochtige acties in de collectivisatiecampagne tegen de koelakken sneefde. Bauman leed ook aan golovokroezjenije ot oespecha: “duizeligheid door succes”, zoals partijleider Stalin in 1930 in de Pravda schreef, nadat Bauman en de kameraden zijn "tweede revolutie' juist geheel in de stijl van de secretaris-generaal ter hand hadden genomen.

Als een mitrailleur stort Liljana, gekleed in duster, haar woorden over ons uit. Liljana voelt zich als makler boven haar echtgenoot Aleksandr verheven. Ook al heeft ze problemen met haar handel - ze is door het ontbreken van "marktstructuren' de afgelopen maanden een aantal keren fors belazerd door collega-zakenlui die in de huidige anarchie de kans te baat nemen om snelle winst te maken - toch zegt ze: “Wat je nu in Rusland aantreft, is de schuld van de communisten. Die vijfenzeventig jaar heeft ons tot in onze genen veranderd”.

Haar man is even oud als Liljana. Hij is hoogleraar filosofie aan de universiteit van Krasnojarsk. Voordat Aleksandr die functie kreeg, was hij docent aan de partijschool in het nog noordoostelijker gelegen Jakoets. Met andere woorden hij is communist geweest. Maar kennelijk geen honderd procent betrouwbare commumist. Anders zou hij niet zijn hele leven zo ver zijn weggestopt. Dat kon ook makkelijk, denk ik erbij. Want Aleksandr is, anders dan zijn vrouw, een reflectief mens die getuige zijn verschijning niet zo geeft om uiterlijk vertoon.

Met zachte stem mengt hij zich in het gesprek. “Die commando-economie waar jij het over hebt, de echte dan, is in Rusland al in de jaren zestig ten onder gegaan. In de tijd van Brezjnev. Het enige wat al die jaren is blijven bestaan, was de partij. Al 25 jaar vecht iedereen daarom allereerst voor zichzelf. De partij functioneerde daarbinnen eigenlijk gewoon als communicatiecentrum. Niet voor niets is de industriële infrastructuur ingestort, toen de partij zich een paar jaar geleden uit het bestuur moest gaan terugtrekken. Vanaf dat moment viel ineens de communicatie weg, zonder dat er andere structuren voor in de plaats kwamen.”

Liljana reageert onmiddellijk. “Ach wat. Mensen met hersens zullen rijk worden, mensen zonder hersens zullen arm blijven. En zo hoort 't ook.” Ze dendert vervolgens door. Aleksandr probeert 'r met zachte stem te manen. “Zou je even kunnen zwijgen? Liljana? Zou je even je mond kunnen houden? Zou ik even mogen uitpraten?”

Nee dus. Integendeel. Liljana schiet uit haar slof. “Jij? Jij spreekt alleen maar domheid. Jij bent gewoon niet meer dan een klein joods filosoofje die nooit is toegelaten tot de universiteit van Moskou.”

Ik weet me even geen raad, zoals altijd als hier in Rusland de xenofobie losbarst met een verbaal geweld dat in Nederland juist onder de oppervlakte van de maatschappelijke consensus sluimert. Liljana's man is een van de slachtoffers van het administratieve antisemitisme waarvan de post-stalinistische partij zich, terwille van het Russische nationalisme, altijd heeft bediend en krijgt dat nog eens op zijn brood.

Maar Aleksandr lijkt het niet te horen en vervolgt: “Tja, Siberië heeft zich nooit laten besturen en ook nu niet. Je kan Siberiërs nog zoveel bevelen, ze gaan toch hun eigen gang”. Waarop Liljana ineens zegt: “Weet je, wij Armeense vrouwen zijn de beste vrouwen ter wereld. Daarom komen er in Armenië zo weinig echtscheidingen voor”.

Het is de kleine gezinsrealiteit in het oude Sovjet-rijk. Maar liefst 17,5 procent van de huwelijken is er nog altijd "gemengd', ruim tweeëneenhalf procent meer dan in 1979. In republieken als de Oekraïne, Wit-Rusland, Moldavië en Letland cirkelen de percentages zelfs rondom of boven de vijfentwintig. Al het chauvinistische kabaal, vóór of juist tégen het Russische volk ten spijt.