Violist Shlomo Mintz opzienbarend dirigent bij Limburgs Orkest

Concert: Limburgs Symphonie Orkest m.m.v. Shlomo Mintz (viool en directie) en Gil Sharon (viool). Programma: J.S. Bach: Concert voor twee violen; W.A. Mozart: Vioolconcert KV 218; J. Brahms: Symfonie nr 1. Gehoord: 19/11 Stadsschouwburg Heerlen. Herhaling: 20/11 Theater aan het Vrijthof Maastricht.

Shlomo Mintz, de wereldberoemde violist, treedt dezer dagen op als solist èn als dirigent bij het Limburgs Symphonie Orkest: een prestigieuze gebeurtenis bij een orkest dat het afgelopen voorjaar volgens de Raad voor de Kunst moest worden opgeheven wegens gebrek aan kwaliteit en publieke belangstelling. Inmiddels is het voortbestaan veiliggesteld, waarbij de actitiviteiten worden gecoördineerd met het Brabants Orkest. En het publiek is dit seizoen met een derde uitgebreid, al zijn de zalen daarmee nog niet altijd geheel gevuld.

De nu 35-jarige Mintz kwam naar Limburg na een al vier jaar geleden gedane uitnodiging van concertmeester Gil Sharon. De violisten kennen elkaar nog van het conservatorium in Tel Aviv en spelen nu samen in het Concert voor twee violen van Bach. Bij het eerste concert, gisteravond in de Stadsschouwburg in Heerlen, klonk de uitvoering nog vooral routineus en weinig bijzonder.

De akelig droge Heerlense theaterakoestiek, die juist bij Mintz' grote viooltoon extra ongevoelig uitwerkt, was ook hinderlijk in de uitvoering van Mozarts Vioolconcert in D. Nuances en lyriek konden hier nauwelijks opbloeien en echt opzienbarende momenten waren er slechts rond de cadenzen. De dirigerende Mintz, met viool en stok in de linkerhand, legde dan met een groot afrondend gebaar van zijn rechter hand het orkest het zwijgen op, wachtte nog even tot alles was uitgeklonken en draaide zich dan om voor het spelen van zijn buitengewoon virtuoze en fraaie soli.

Opzienbarend was de door Mintz gedirigeerde Eerste symfonie van Brahms. Het was een hoogstpersoonlijke uitvoering die zowel haaks stond op de gevestigde hedendaagse praktijk als op de "authentieke' aanpak. In vlotte tempi zette Mintz de symfonie op informele en ouderwetse wijze neer als betrof het probleemloze kamermuziek. Tal van lijnen en details die anderen isoleren en omstandig uitlichten tot monumentale dramatiek, liet hij achteloos opgaan in sympathieke, speelse onstuimigheid.

Een gewoon jong dirigentje zou men hier gebrek aan muzikaal inzicht hebben verweten. Maar Mintz is een groot musicus, als solist in orkestconcerten en in kamermuziek. En hij kan ook in technische zin dirigeren: hij hield het orkest goed in de hand. Deze uitvoering was allerminst toeval, Mintz wist precies wat hij wilde, realiseerde dat en bleek na afloop buitengewoon content met het resultaat èn het spelen van het Limburgs Symphonie Orkest.