Nederland, Duitsland werken plan voor legerkorps nader uit

DEN HAAG/BONN, 20 NOV. Een gemengde Nederlands-Duitse commissie van hoge ambtenaren en militairen moet in de komende weken de voorstellen van minister Ter Beek (defensie) aan zijn Duitse ambtgenoot Volker Rühe over de oprichting van een Duits-Nederlands Legerkorps verder uitwerken.

In Bonn heeft een woordvoerder van het Duitse ministerie van defensie gezegd dat er over nieuwe structuren wordt gesproken, maar dat er nog geen beslissingen zijn gevallen. Een eventueel geïntegreerd Duits-Nederlands legerkorps zal er niet zijn vóór 1994/ '95. “In Rome is door de NAVO beslist om alle komende NAVO-troepenreducties te effectueren in grotere, liefst multinationale legerkorpsverbanden”, aldus defensiewoordvoerder fregattenkapitein Walter Reichenmiller. “De eigen Nederlandse sterkte zou ook niet voldoende zijn om in de Centraaleuropese sector een korps op oorlogssterkte (90.000 soldaten) te bemannen”, zegt hij.

“Al onder minister Gerhard Stoltenberg gold in de NAVO dat er voor de toekomst zo min mogelijk nationale eenheden zouden worden gepland en zoveel mogelijk multinationale”, aldus Reichenmiller. Stoltenberg (CDU) was tot april '92 voorganger van de huidige Duitse minister, Volker Rühe, ook CDU.

Duitsland zelf gaat in troepensterkte terug van 540.000 man naar 370.000 per eind '94.

Met name ten aanzien van het materieel wil het Nederlandse ministerie van defensie tot een verdergaande samenwerking met Duitsland komen. Den Haag zou daar ook graag Frankrijk bij betrekken, dat ook een Korps samen met de Duitsers heeft opgericht. Nederland zal één divisie voor het nieuwe Legerkorps leveren. Slechts een deel van die divisie zal in Duitsland worden gelegerd. Op dit moment heeft Nederland 4.000 landmachtmilitairen in Duitsland.

De Tweede Kamer staat positief tegenover de samenwerking met de Duitsers. Zijlstra (PvdA): “Het geeft een verbondenheid van Duitsland met andere bondgenoten. Dat is een goede zaak, ook gezien de nationalistische ontwikkelingen daar. Ik zou die samenwerking uitgebreid willen zien met België en het Verenigd Koninkrijk.”

Pag 2: Opstelling België is nog onzeker

Hillen (CDA): “Wij hebben al lange tijd gepleit om meer met de Duitsers te doen. Dat daar nu concrete plannen voor bestaan is een goede zaak. Wel zou ik graag zien dat de opkomstplicht sneller wordt afgeschaft om onrust bij de landmacht in te dammen.”

Van Heemskerck Pillis-Duvekot (VVD): “Samenwerking is een goede zaak. Ook de VVD heeft dat gevraagd. Maar ik wil wel precies weten hoe het met commandostructuren zal gaan. Ik wil dat niet alleen de top wisselt van commando, dan Duits dan Nederland, maar dat dat naar lagere eenheden wordt doorgefilterd. Het argument van de minister dat renationalisatie van legers moet worden tegengegaan vind ik niet helemaal meer bij deze tijd passen.”

De ACOM, de CNV-bond van militairen, vindt dat in het nieuwe Legerkorps de rechtspositie van Nederlandse militairen van kracht moet blijven. “Dat geldt ook voor de medezeggenschap zoals deze in een unieke vorm binnen de Nederlandse krijgsmacht bestaat.” De ACOM sluit niet uit dat het verschil in werksfeer tussen beide krijgsmachten als een bemoeilijkende factor kan gelden.

Met de nieuwe plannen ziet Nederland af van het oprichten van een tweede gezamenlijk Legerkorps waaraan mogelijk ook de Belgen zouden gaan deelnemen. Nu België de diensplicht heeft afgeschaft is het onzeker of België een bijdrage wil leveren aan multinationale Korpsen. Het nieuwe Duits-Nederlandse Legerkorps moet onderdeel worden van de hoofdmacht (de main-defence forces) van de NAVO. In december vergadert de NAVO opnieuw over de grootte van die hoofdmacht.

Binnen het bondgenootschap zijn er voorstanders om deze "main defence forces' te verkleinen vanwege de aanslag op de defensiebegrotingen in alle NAVO-landen. Vorig jaar bepaalden de NAVO-ministers van Defensie dat die hoofdmacht uit zes Legerkorpsen zou moeten bestaan. Naast een hoofdmacht heeft de NAVO ook snelle reactie-eenheden die in tijden van crisis als eersten moeten optreden.

Nederland zal met de Luchtmobiele Brigade, die nu wordt opgericht en waarbij tijdens eerste oefeningen al een aantal beroepsmilitairen heeft afgehaakt, aan de snelle interventiemacht deelnemen. Daarnaast heeft Nederland daarvoor F-16 vliegtuigen paraat en samen met de Britten mariniers. Deze eenheden kunnen ook aan de NAVO onttrokken worden en in WEU-kader (Westeuropese Unie, het militaire en politeke samenwerkingsverband van negen EG-lidstaten) optreden. Daarnaast kunnen die eenheden worden gebruikt voor acties van de Verenigde Naties in het kader van de VN om met een mandaat van de Veiligheidsraad vrede op te leggen.