Het moderne leven is ouderwets; De wilde fantasie van Tama Janowitz

Tama Janowitz: The Male Cross-Dresser Support Group. Crown publishers, 314 blz. Prijs ƒ 40,60.

Je rijdt op de snelweg en meent in de berm een hoofd uit een vuilniszak te zien steken. Wat doe je? Als je Pamela bent, de hoofdpersoon uit Tama Janowitz' nieuwe boek, dan keer je om, gaat kijken, denkt dat het een fopkop uit de griezelwinkel is en neemt de zak mee. Leuk voor je reisgezel, het straatjongetje Abdhul, die echter hysterisch wordt, omdat het een echt mensenhoofd blijkt, vol bloed en maden. Afleiding komt snel door de aankoop van een jong hondje dat natuurlijk ogenblikkelijk aan de kop begint te knagen. Op een picknickplaats moet het stinkende hoofd dan maar in de bagageruimte, waarin je bij het dichtdoen per ongeluk ook de autosleutels opsluit. Een hulp biedende chauffeur probeert met een krik van binnenuit het slot te forceren en beukt zich met volle kracht uitgerekend door het hoofd heen, zodat tanden en hersens aan het gereedschap blijven plakken.

Bovengenoemde gebeurtenissen nemen maar enkele van de driehonderd bladzijden in beslag van The Male Cross-Dresser Support Group, een boek dat duizelingwekkend vol zit met incidenten en zijlijnen.

Tama Janowitz maakte een door de media gestuurde bliksemcarrière als schrijfster van Slaves of New York (1986). Haar debuut American Dad was een mislukking geweest, en ook haar derde boek, A Cannibal in Manhattan werd weer door de pers gekraakt, maar met Slaven van New York raakte zij een toon die destijds typerend werd gevonden voor de snelle jaren tachtig, en die ook te vinden was bij Jay McInerney, Kathy Acker, Catherine Teixier en Bret Easton Ellis. De hoofdpersoon uit haar roman lijkt regelrecht weggelopen uit Slaves of New York, en wekt daarmee de indruk dat er óf in New York of bij de schrijfster de afgelopen jaren niet veel veranderd is.

Pamela bewoont een afschuwelijk appartement in de East Village, heeft een sullig baantje als advertentieacquisiteur van een jachttijdschrift, tobt met mannen, consulteert hierover dagelijks haar moeder, terwijl haar gescheiden en hertrouwde vader eigenlijk niks van haar wil weten. In het eerste hoofdstuk, van zondag- tot maandagavond, ontmoet Pamela, die ervan overtuigd is maar een saai leventje te hebben, een verbijsterende hoeveelheid mensen, die allemaal iets van haar willen. Het zwaarste beroep op haar wordt gedaan door een klein straatjongetje, dat haar vanuit een pizzeria gevolgd is. Op aanraden van haar moeder neemt ze het kind in huis, en hoewel het niets loslaat over zijn achtergrond of leeftijd, blijft het. En daarmee worden de veranderingen in Pamela's leven ingezet die haar nopen New York tijdelijk te verlaten. Ze gaat naar het huis van haar vader, op verzoek van haar moeder die hem met bovennatuurlijke krachten gedood meent te hebben.

Pamela's handelen - en daarmee de handeling van de roman - wordt gestuurd door talloze angsten en obsessies, en de irrationele beslissingen die ze op grond daarvan neemt. Wanneer ze bijvoorbeeld het testament van haar vader vindt, waarin zij noch haar broers genoemd worden, besluit ze dat diens huis dan maar in de fik moet. Die conclusie is even bizar als het meeslepen van het hoofd, dat ze om compromitterende situaties te voorkomen veel beter terug in de berm had kunnen zetten. En al even extreem is het besluit zich tot man te transformeren om de consequenties van een strafzaak te ontlopen.

Na het lezen van Wuthering Heights merkt Pamela op dat het moderne leven lijkt op dat in oude boeken: "Karakters verschenen kort en opgewonden, zonder dat je er later nog van hoorde of zag. En als dat wel zo was, (...) leek dat zonder reden te gebeuren of maakte het niets uit voor de plot. Het was allemaal arbitrair; er was geen lijm die de mensen bij elkaar hield.'' Heel lang geldt voor dit boek hetzelfde, maar uiteindelijk komen de draden toch nog bij elkaar.

The Male Cross-Dresser Support Group vertoont ook wat de stijl betreft grote overeenkomsten met Slaves of New York. Iedere dialoog of ervaring wordt als kapstok voor een ideetje, een zijverhaal of observatie gebruikt. In een verhaal werkt dat wel, maar binnen een roman vereist het een ijzeren volharding van de lezer, die hinkstapsprongen moet maken langs de grillige paden van Janowitz' fantasie. Tama Janowitz kan goed en bij vlagen vermakelijk schrijven. Ze weet alleen niet duidelijk te maken waarom we haar zouden moeten lezen.