Illegaal kwartet

Transit. Regie: Eddy Terstall. Met: Jacob Kurc, Alaor Soares, Nelson Latif, Edson Gomes, Marion van Thijn, Gerard Thoolen. In: Amsterdam, The Movies en Rialto.

Ruim voordat de positie van de illegale vreemdelingen in de schijnwerpers van het publieke en politieke debat terecht kwam, schreef en regisseerde de jonge Amsterdammer Eddy Terstall zijn eerste film Transit. Terstall maakte nooit korte films. De tijdens de Nederlandse Filmdagen voor het eerst vertoonde lange speelfilm Transit, gedraaid op een zeer laag budget van 300 duizend gulden, ruikt bijzonder authentiek. Het lot van vier Braziliaanse muzikanten zonder verblijfsvergunning in Amsterdam wordt recht voor z'n raap, zonder melodramatische of pamflettistische bijbedoelingen, op de rand van een vrolijk soort neo-realisme verbeeld door vier gelegenheidsacteurs, die voor een deel dicht bij hun personages staan. De wereld van de hasj-coffeeshops, koppelbazen en semi-onderwereldfiguren, waarmee illegale buitenlanders bij het zoeken van werk en onderdak al snel te maken krijgen, komt in Transit heel goed uit de verf. Terstall koos de meeste van zijn locaties in de directe omgeving van zijn eigen buurt, de Jordaan, en vermijdt ten koste van alles moraliserende of melijwekkende clichés.

Aan het begin van de film arriveert het kwartet in de stad, waarover ze zo veel goeds hebben gehoord en waar de zuster van een van hen in een coffeeshop werkt. De vier mannen zijn herkenbare prototypes: een intellectueel met politieke problemen in zijn eigen land, die niet hard genoeg zijn om asiel te kunnen vragen; een dromerige romanticus, die verliefd wordt op Bea (sic!), een Nederlands meisje met een hart van goud, dat wordt gespeeld door Marion van Thijn (bekend uit De kassière); een kameleontische "survivor' uit de lagere sociale klasse; en ten slotte een echte economische vluchteling, die al snel handlanger wordt van onderwereldkoning Gerard Thoolen.

Met medewerking van Theo van Goghs vaste cameraman Tom Erisman portretteert Terstall Amsterdam als een benauwde, maar warme en gezellige stad, waarachter uiteindelijk ook grimmige kantjes schuil blijken te gaan. Een stilistisch of scenaristisch hoogstandje is Transit niet. Het grootste probleem vormen de talloze nevenintriges en -personages, die elk wel een steentje bijdragen aan het mozaïek, maar de dramatische kracht verzwakken. De film is met een lengte van 102 minuten beslist te lang. Het is een beginnersfout geweest de film te laten monteren door Terstalls eerste assistent Marc Heijdeman, van wie uiteraard geen afstand tot het materiaal verwacht kon worden. Transit is wel een min of meer uit de lucht vallend, verrassend debuut en verplichte kost voor iedereen, die er een extreme mening over illegalen op na houdt. De werkelijkheid - dit is een zeer realistische speelfilm - is namelijk niet zo eenduidig.