Partijruzie bedreigt Hongaarse democratie

BOEDAPEST, 18 NOV. Een al sinds september voortwoekerende machtsstrijd binnen de grootste Hongaarse regeringspartij, de MDF, is gisteren tot een nieuwe uitbarsting gekomen.

Nadat de Hongaarse premier, József Antall, afgelopen zondag zijn rivaal István Csurka ervan beschuldigde “politieke idiotie en nonsens” te verkopen, repliceerde Csurka in een interview met het blad Magyar Hirlap met de opmerking dat hij moeite heeft de politiek van zijn partijvoorzitter aan de Hongaren uit te leggen. Niet Antall, maar hij, Csurka, genoot de steun van de gemiddelde Hongaar, zo beweerde Csurka. Met die uitspraak is de strijd om het leiderschap in de MDF, die in januari op een partijcongres moet worden beslist, volledig bloot komen te liggen.

De nog jonge parlementaire democratie van Hongarije wordt sinds het begin van het parlementaire jaar beheerst door onzekerheid. Onzekerheid niet alleen over het tempo waarin economische hervormingen, de privatisering, de herstructurering van het rechtsstelsel en al die andere vereisten voor een geordende democratie hun beslag krijgen, maar vooral over de richting waarin de belangrijkste regeringspartij, de MDF (Hongaars Democratisch Forum) van premier Antall, zich ontwikkelt.

Want niets meer of minder dan de respectabiliteit van het Hongaarse democratische model lijkt op het spel te staan sinds uitingen van rabiaat rechts-extremisme het politieke leven in Boedapest verstoren.

Ook de nagalm van wat István Csurka, een van de vice-voorzitters van de MDF, eind augustus, vlak voor de eerste zitting van het Hongaarse parlement, in zijn weekblad Magyar Forum schreef, dreunt nog steeds na langs de oevers van de Donau, getuige de uitbarsting van Antall, afgelopen zondag. In een acht pagina's lange "studie', onder de wijdlopige titel "Enige gedachten in verband met de twee jaar van regimewisseling en met het nieuwe programma van de MDF' deed Csurka niet alleen een felle aanval op de gematigde compromispolitiek van zijn partijvoorzitter Antall, die hij “een tragische held” noemde, maar beschuldigde hij de twee belangrijke oppositiepartijen, de Vrije Democraten (SZDSZ) en de Jonge Democraten (Fidesz), ervan een links blok te vormen in dienst van de vroegere communistische nomenklatoera. Die nomenklatoera was, zo beweerde Csurka, erop uit om het voortbestaan van de “communistische en joodse hegemonie” te garanderen. President Göncz (van de SZDSZ) kreeg zijn bevelen niet alleen van hen, maar ook van verbindingsmensen “in Parijs, New York en Tel Aviv”. Het werd tijd, zo schreef Csurka, dat de “echte Hongaren” het in het land te zeggen kregen.

De opschudding die Csurka's "Gedachten' in de MDF, maar ook daarbuiten, verwekte was groot. In het parlement verklaarde Antall dat noch hijzelf, noch zijn regering zich kon identificeren met de “verkeerde interpretaties” en “politiek schadelijke denkbeelden” van Csurka, maar dat het kennelijk om “persoonlijke ideeën” ging. Andere MDF-leden vonden die reactie eigenlijk nog veel te tam.

Op zijn beurt verweerde Csurka zich tegen dergelijke verwijten met de uitleg dat hij alleen maar het politieke discours in Hongarije een nieuwe richting wilde geven en wilde voorkomen dat de MDF, die het in de opiniepeilingen op het ogenblik slecht doet, bij de verkiezingen in 1994 een nederlaag zal lijden.

Direct gevolg van de crisis in de MDF, die behalve uit de rechtse stroming van Csurka bestaat uit een liberale vleugel en een christen-democratische middenmoot onder Antall, was dat het aanvankelijk voor eind deze maand geplande partijcongres werd uitgesteld tot januari. Daardoor kon waarschijnlijk worden voorkomen dat Csurka, die met toespelingen op de gezondheidstoestand van Antall - de premier lijdt aan een niet-ongeneselijke vorm van kanker - een overduidelijke gooi naar het partijleiderschap heeft gedaan, politieke munt kon slaan uit zijn manoeuvre. Want er is meer aan de hand dan een ordinaire partijruzie. Politieke waarnemers in Boedapest vrezen dat Csurka, van oorsprong een populaire toneelschrijver, bij het komende partijcongres onder de MDF-leden aanzienlijke steun zal krijgen voor zijn extreem-rechtse retoriek en dat de liberale vleugel zich dan zou afscheiden. Van de grote, gematigde partij die het politieke midden in Hongarije beheerst, blijft dan niets meer over.

Vandaar ook dat premier Antall afgelopen zaterdag, tijdens een conferentie van de liberale vleugel, zo'n hartstochtelijk beroep deed om de eenheid in de partij te bewaren. Antall waarschuwde dat als de partij uiteen zou vallen de kans niet kan worden uitgesloten dat pragmatische communisten in 1994 zouden kunnen terugkeren naar de macht. Bij de verkiezingen van 1990 scoorde de Hongaarse socialistische partij (MSZP), de legale opvolger van de vroegere communistische partij, bijna elf procent, maar uit sommige opiniepeilingen blijkt dat de vroegere communistische premier Miklos Nemeth - intussen is hij bankier geworden - gezien wordt als de man die de beste toekomstige premier zou zijn.

De angst dat de MDF, het symbool van politieke stabiliteit in Hongarije, zichzelf verscheurt en dat ze zich laat meeslepen door een extreem-rechtse demagoog, is door de laatste schotenwisseling in het conflict tussen Antall en Csurka reëler dan ooit geworden. Wat dat voor gevolgen zou hebben voor de driepartijencoalitie van MDF, kleine boeren en christen-democraten, is dan niet te overzien. Vervroegde verkiezingen zouden volgend jaar echter niet zijn uit te sluiten.