Major blijft vluchtelingen weigeren

LONDEN, 18 NOV. De Britse regering blijft bij haar weigering om een groep Bosnische vluchtelingen die was gestrand bij de grens tussen Oostenrijk en Slovenië op te nemen. “Met de beste wil van de wereld kunnen we eenvoudigweg niet iedereen die om begrijpelijke reden weg wil uit Joegoslavië opnemen”, aldus premier Major gisteren in het Lagerhuis. Hij zei dat de Britse hulporganisatie die de groep van 183 vluchtelingen, vooral bestaande uit vrouwen en kinderen, bijeen had gebracht was gewaarschuwd dat ze niet met haar missie moest doorgaan.

Zowel onder hulporganisaties als in de oppositie is grote verontwaardiging uitgebroken over de opstelling van de Britse regering. Kate Koey van de Labour-partij zei tegen Major dat er “walging in het land was over het onmenselijke, schandelijke en misselijk makende beleid van uw regering tegenover de Bosnische vluchtelingen”. Amnesty International, de organisatie die zich inzet voor de behartiging van de rechten van de mens, meent dat de Britse regering als huidig voorzitter van de Europese Gemeenschappen juist voorop moet lopen bij de opvang van vluchtelingen.

Oostenrijk besloot gisteren de groep vluchtelingen waarom het gaat voor een periode van drie maanden op te nemen. In die tijd moet de Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, mevrouw Sadako Ogata, een permanente verblijfplaats voor hen vinden. Volgens een woordvoerder van het Oostenrijkse ministerie van binnenlandse zaken zal Ogata ook besprekingen voeren met de Britse regering.

Volgens premier Major zijn er momenteel 40.000 personen uit het voormalige Joegoslavië in Groot-Brittannië van wie er 4.500 asiel hebben aangevraagd. Groot-Brittannië kreeg onlangs veel kritiek te verduren toen het 36 mannen en vrouwen uit Joegoslavië wegstuurde, terwijl Duitsland bijvoorbeeld al meer dan 200.000 mensen uit dat land heeft opgenomen en Zwitserland al meer dan 50.000.