Lubbers: WAO-wetgeving dit jaar nog niet niet afgerond

DEN HAAG, 18 NOV. Het kabinet vreest dat het niet zal lukken om voor 1 januari 1993 de parlementaire behandeling van de WAO-wetgeving af te ronden. Dat zei vanmorgen premier Lubbers tijdens de algemene politieke beschouwingen in de Eerste Kamer.

Lubbers zei wel te hopen dat de Tweede Kamer zo spoedig mogelijk zal besluiten tot een plenaire behandeling van het wetsvoorstel. In 1994 moet invoering van de wet een bezuiniging van 500 miljoen bewerkstelligen. Lubbers benadrukte dat de regering vast blijft houden aan het wetsvoorstel, dat vooral door de verlaging van lopende WAO-uitkeringen voor veel politieke spanning tussen de CDA- en PvdA-fracties in de Tweede Kamers zorgt. “Er is geen reden om de stevige inzet van het kabinet te vervagen” aldus Lubbers.

Lubbers zei ook dat de zogenaamde Zijlstra-norm, genoemd naar de oud-premier en voormalige president van de Nederlandsche Bank, de richting moet zijn van het financiele kabinetsbeleid. Zijlstra vindt dat het beslag van de collectieve uitgaven op het Nationaal Inkomen en de collectieve lastendruk beide niet hoger mogen zijn dan 50 procent. Ook de het hoogste tarief van de inkomstenbelasting mag niet hoger zijn dan 50 procent.

Lubbers zei verder in de Eerste Kamer dat een identificatieplicht geen doel op zichzelf mag zijn. Het kabinet, dat een beperkte identificatieplicht wil invoeren, beschouwt die identificatieplicht slechts als een methode om een aantal regelingen beter te kunnen uitvoeren en controleren. Gisteren had CDA-fractievoorzitter A.J. Kaland het kabinet gevraagd een algemene identificatieplicht in te voeren. Lubbers zei dat het niet onwaarschijnlijk was dat veel burgers op basis van de beperkte identificatieplicht van het kabinet zullen besluiten voortaan altijd een identiteitsbewijs bij zich te dragen, maar hij wees een algemene verplichting daartoe af.

Lubbers suggereerde in een kort debatje met Kaland wel dat Nederland langzaam zou toegroeien naar een algemene identificatieplicht. Hij verwees daarbij naar de grote weerstand die vijf jaar geleden nog bestond tegen een beperkte identificatieplicht maar die inmiddels sterk is afgenomen. De werkwijze van het kabinet is om als er bij een bepaalde regeling een identificatiplicht nodig zal blijken die daar moet worden ingevoerd. Hetzelfde geldt voor koppeling van gegevensbestanden. Kaland bleef vanmorgen overigens vasthouden aan een algemene identificatieplicht. In antwoord op een vraag van Groen-Linksfractievoorzitter W. de Boer zei hij het heel normaal te vinden als hem op straat door een politieman zomaar gevraagd zou worden zich te identificeren.