Hockey-coördinator moet linksbuitens en ausputzers aanleveren

ROTTERDAM, 18 NOV. De aanstaande benoeming van een technisch coördinator kan als bewijs van een opmerkelijke koerswijziging bij de Koninklijke Nederlandse Hockey Bond worden gezien. Tot voor kort leverde het verzoek tot aanstelling van een extra assistent-bondstrainer voor een paar avonden per week al grote problemen op. En nu wordt er een nieuwe functie gecreëerd die de KNHB naar schatting een ton tot 120.000 gulden per jaar kost. Een bedrag dat op andere posten moet worden bespaard. Dat is volgens bondsvoorzitter Wim Cornelis het bewijs van de grote noodzaak van de komende man.

Het bondsbestuur besloot op zijn eerste vergadering na de Olympische Spelen in Barcelona, waar de nationale teams tegenvallende resultaten boekten, dat het technische kader moet worden versterkt. De nieuweling zal naast en mét de bondscoaches en topsport-coördinator Arno den Hartog werken. Er wordt geen "baas' aangewezen. De verantwoordelijkheden worden duidelijk afgebakend. In tegenstelling tot Den Hartog, die in Bunnik een bureaufunctie heeft, wordt van de technisch coördinator juist verwacht dat hij op pad gaat.

Hij moet volgens de concept-nota van het bondsbestuur een stempel drukken op de opleiding van de tophockeyers, contacten onderhouden met de coaches van de selectieteams en clubs, talenten (vanaf 12 jaar) bekijken en assisteren bij trainingen. En hij moet, aldus de nota, meer structuur aanbrengen tussen de diverse nationale teams. “We willen in de toekomst meer profijt van onze talenten hebben”, aldus praeses Cornelis. Hij en zijn bestuur vinden bijvoorbeeld dat er spelers voor gerichte posities in het elftal moeten worden opgeleid. De nieuwe coördinator moet straks dus ausputzers en linksbuitens aanleveren.

Bondscoach Roelant Oltmans van de mannen juicht de nieuwe weg van de bond toe. Hij had vorig jaar maart in een rapport over talent-ontwikkeling in het nationale hockey al aangegeven dat er behoefte is aan versterking op het technische vlak. “Er is genoeg werk te verrichten voor zo'n man”, zegt Oltmans.

De bond heeft Richard Aggiss voor de nieuwe functie benaderd. De Australiër zei vanochtend vanuit Perth het aanbod “heel serieus” te overwegen. Hij moet kiezen tussen Nederland, een aantrekkelijke baan in het bedrijfsleven en het hoofdcoachschap van het Institute of Sports, het Australische opleidingscentrum waar hij nu werkzaam is op de hockeyafdeling. Aggiss neemt uiterlijk half december een beslissing. Hij kreeg van de KNHB een contract voor twee jaar aangeboden. Dat is, geeft ook Cornelis toe, eigenlijk een te korte periode. Het slagen of falen van een technisch coördinator zal namelijk pas op lange tot bijzonder lange termijn kunnen blijken.

De vraag is of het verstandig is om een buitenlander aan te stellen. De nieuwe functionaris zal veel praat- en schrijfwerk moeten verrichten. Volgens Cornelis speelt het bij de keuze van de persoon niet mee of hij uit binnen- of buitenland komt. “Hij moet kwaliteiten bezitten, van onbesproken gedrag zijn en door iedereen worden geaccepteerd.” Cornelis stelt dat de nieuwe man “een praatpaal” voor de bondscoaches moet worden. Oltmans heeft al gezegd dat iemand als Aggiss, die jarenlang trainer van de Australische mannen was, bij hem altijd welkom op het veld zal zijn. “We zijn toch geen concurrenten van elkaar. We zullen hetzelfde doel hebben: het Nederlandse hockey aan de top van de wereld houden.”

Oltmans kent Aggiss als een vakman die door zijn huidige werk bij het Institute of Sports gewend is met talenten te werken. De bondscoach acht de Australiër zeker geschikt voor de nieuwe functie. Maar er zijn volgens hem voor dat werk in Nederland ook bruikbare personen te vinden. Oltmans noemt met name zijn voorganger Hans Jorritsma “een heel geschikte kandidaat”. Cornelis maakt echter duidelijk dat er binnen het bestuur niet aan de Amsterdammer wordt gedacht. Het is Jorritsma niet in dank afgenomen dat hij al twee keer - in 1990 na het gewonnen WK in Pakistan en twee maanden geleden na de Olympische Spelen in Barcelona - is opgestapt bij de hockeybond.

Oltmans wijst er op dat Jorritsma mede “het proces op gang heeft gebracht” dat er toe heeft geleid dat er binnenkort een coördinator zal worden aangesteld. Jorritsma hamerde in zijn dienstperiode voortdurend op de noodzaak van professionalisering. Daarom moet het voor Jorritsma uitermate vervelend en frusterend zijn dat hij zelf niet heeft kunnen profiteren van de aanzielijke versterking van het technische kader bij de KNHB.