Veel nostalgie in documentaire over the Jewish Forward

Joodse Amerikanen, Ned.3. 20.33-21.26u.

De legendarische anarchiste Emma Goldman roemt het blad in haar memoires, Nobelprijswinnaar Isaac Bashevis Singer publiceerde er romans in. The Jewish Daily Forward, in 1897 opgericht door de joodse immigrant uit Litouwen, Abe Cahen, is voor generaties Amerikaanse joden van levensbelang geweest. Anders dan andere radicaal joodse blaadjes zoals de Freie Arbeiterstimme en de Freiheit slaagde de helemaal in het Jiddisch geschreven Forward erin socialistisch te zijn zonder zich te verliezen in pamflettisme of sectarisme.

Dit jaar bestaat het blad 95 jaar en misschien is dat de reden dat de NOS vanavond de al uit 1988 daterende Amerikaanse documentaire over The Forward uitzendt. Nostalgische beelden van New York omstreeks de eeuwwisseling waar scheepsladingen verpauperde joodse immigranten uit Oost-Europa hun weg proberen te vinden, worden er in afgewisseld met verhalen over Abe Cahen die zijn Jiddische krantje wist op te stoten in de vaart der volkeren door er een algemeen gerespecteerd Amerikaans dagblad van te maken dat zelfs door John F. Kennedy werd gelezen. Aan het woord komen onder andere de oud-hoofdredacteuren Leon Stein en - de inmiddels overleden - Simon Weber, alsmede de biograaf van Cahen, Moses Risching. Aan de hand van diens onderzoek en uit de mond van medewerkers en oud-medewerkers als Isaac Bashevis Singer wordt een beeld geschetst van Cahens formule voor The Forward.

De hoofdredacteur vond dat de redacteuren verhalen moesten schrijven die voor de joodse arbeiders interessant waren, die het joodse proletariaat gevoel voor eigenwaarde gaven en waarin "en passant wat socialisme werd verstopt'. In de kolommen verscheen een beroemd geworden brievenrubriek waarin oplossingen werden gevraagd voor de dagelijkse problemen in joodse gezinnen. De krant publiceerde tips voor wat je moest doen als je in de drukke New Yorkse straten tegen iemand opbotste (“Excuse me”zeggen) en maakte ruimte voor een wekelijkse rubriek waarin de opsporing werd verzocht van mannen die hun vrouw in de steek hadden gelaten. De vrouwenpagina bood artikelen over het inmaken van vruchten, over de vraag waarom vrouwen eerder huilen dan mannen en kwam met adviezen voor het snel verwerven van de Amerikaanse nationaliteit. Voor de kunstpagina's vertaalde Cahen Flaubert in het Jiddisch en hij zorgde ervoor dat vrijwel elke grote joodse Amerikaanse schrijver in The Forward publiceerde.

Naarmate het blad groter werd en oplagen bereikte van ver over de 200.000 kwam Cahen bloot te staan aan kritiek. Vanuit orthodoxe kring kreeg hij te horen dat zijn blad het Jiddisch corrumpeerde door het te verengelsen, terwijl de radicaal linkse joodse pers, zoals de Freiheit, hem verweet zijn ziel te hebben verkocht aan Hearst. De oud-hoofdredacteur van de Freiheit, Paul Norick, herinnert zich dat in communistische kring werd gezegd dat The Forward de grootste ramp voor de joodse gemeente was sinds de verwoesting van de tempel.

Toch is The Forward nooit populistisch geworden. Het blad steunde de verkiezingscampagne van Roosevelt, waarschuwde al in een vroeg stadium voor de Holocaust en nam in 1949 scherp stelling tegen het antisemitisme van Stalin.

In 1951 stierf Cahen en kort daarop werd The Forward een weekly in plaats van een daily. Uit ingezonden brieven was al gebleken dat veel tweede en derde generatie joden geen Jiddisch meer konden lezen, en ook al kende het blad al geruime tijd een Engelstalige pagina, de abonnees lieten het afweten.

Nu heeft The Forward nog zo'n 25.000 lezers, die een gemiddelde leeftijd hebben van 75. De nog altijd Jiddisch sprekende redactie is echter niet van plan ermee op te houden, want, zo heet het in de documentaire, voor de lezers is The Forward veel meer dan een informatiebron, de krant is een deel van hen.