Stork verwacht dit jaar meer dan helft lagere netto winst

NAARDEN, 17 NOV. Het Stork-concern (machines, industriële dienstverlening) verwacht dat zijn netto winst dit jaar met meer dan de helft zal teruglopen van 120 miljoen gulden naar 50 miljoen gulden. Om de recessie het hoofd te bieden, snijdt Stork fors in het personeelsbestand. Dit jaar zullen bijna 1.200 van de in totaal circa 17.000 banen bij het concern verdwijnen. Het grootste deel van de banenreductie is al gerealiseerd. Stork heeft dit gisteren bekendgemaakt.

Bij de presentatie van de halfjaarcijfers in september ging de raad van bestuur nog uit van “een duidelijk lager resultaat over geheel 1992 ten opzichte van 1991”. De situatie bij het concern is sinds begin september evenwel dramatisch verslechterd. De conjunctuur is verder ingezakt, bovendien is de gulden sinds die tijd aanzienlijk duurder geworden ten opzichte van de meeste andere munten - tegenover het Britse pond en de Italiaanse lire ongeveer 15 procent. Dit bemoeilijkt de concurrentiepositie van Stork op enkele belangrijke exportmarkten. De afzet van systemen voor vleesverwerking heeft hier in het bijzonder onder geleden.

Stork heeft gereageerd met een aantal capaciteitsaanpassingen. De vermindering van het aantal arbeidsplaatsen met ruim 7 procent wordt volgens bestuurslid H.A.D. van den Boogaard voor het overgrote deel bereikt via het niet aanvullen van het natuurlijk verloop. Voor 150 tot 175 mensen betekent het gedwongen ontslag. “Ongeveer 950 arbeidsplaatsen zijn inmiddels al weg, de 250 overige zullen vóór eind december volgen”, aldus Van den Boogaard.

Als belangrijkste oorzaken van de verwachte winstdaling noemt Stork onderbezetting en margeverkrapping. Van den Boogaard: “We zitten in behoorlijk slecht weer. Over de hele linie zien we een vertraging in de orderontvangst. De orders die we binnenkrijgen zijn kleiner van omvang en bovendien zijn de marges krapper. Dit geldt ook voor onze sector industriële dienstverlening.”

Bij de schatting van de netto winst over '92 heeft Stork rekening gehouden met te treffen voorzieningen van circa 30 miljoen gulden. Voor volgend jaar doet de raad van bestuur nog geen uitspraken. “Daarvoor is de situatie nu nog te onzeker. We kunnen er niet van uit gaan dat vanaf nu een herstel optreedt”, zegt Van den Boogaard.

Dank zij de sterke financiële positie van het concern is Stork naar eigen zeggen in staat het beleid voort te zetten dat is gericht op versterking van de strategische positie. De vorige week aangekondigde overneming van de Belgische Mercantile Engineers is hiervan volgens Stork een goed voorbeeld.

Stork stopt binnenkort met de colorproofer, een systeem voor het snel maken van kleurenproeven in de grafische sector. In een reeks van jaren heeft het bedrijf in dit project circa 100 miljoen gulden gestoken. Ook de MIP, de Maatschappij voor Industriële Projecten, heeft geld op dit project verloren. Van den Boogaard: “We stoppen ermee omdat we merken dat we dit op eigen kracht niet kunnen. Als nieuwkomer in de grafische sector streven we er nu naar samenwerking met anderen. We zijn al in een vergevorderd stadium van onderhandeling met een potentiële partner.”

Voor districtsbestuurder H. Wijninga van de Industriebond FNV komen de cijfers niet uit de lucht vallen. “We weten dat het slecht gaat, maar vrezen niet voor de positie van Stork.” Volgens Wijninga is er de afgelopen maanden bij het bedrijf “niets gebeurt waarvan wij niet weten”. De vakbonden hebben indertijd met Strok afspraken gemaakt over een "sociaal kader' dat in werking treedt bij structurele problemen.