Mitterrand laat zijn partij alleen; President beschermt Fabius niet in bloedbank-schandaal

PARIJS, 17 NOV. Het schandaal rondom de Franse bloedtransfusiedienst, die in 1985 bloed gebruikte dat besmet was met het aids-virus, heeft tot een verwijdering geleid tussen president François Mitterrand en Laurent Fabius, de leider van de socialistische partij. Met nog maar vier maanden te gaan voor de algemene verkiezingen voelen de leiders van de regeringspartij, eerste secretaris Fabius van de Parti Socialiste (PS) voorop, zich in de steek gelaten door de president.

Mitterrand sprak zich een week geleden in een televisie-interview uit voor de samenstelling van een speciaal Hoog Hof, dat de ministers die in 1985 politiek verantwoordelijk waren voor het beleid van de bloedtransfusiedienst kan berechten wegens misdrijven of overtredingen die zij ambtshalve zouden hebben begaan. Mitterrand noemde geen namen met als argument dat de beslissing wie terecht zouden moeten staan de verantwoordelijkheid is van het parlement dat het Hoge Hof moet samenstellen. De president erkende dat de ingewikkelde en tijdrovende procedure om ministers te berechten in de geschiedenis van de Vijfde Republiek nog nooit daadwerkelijk tot een einde was gebracht. Maar de grondwet moet worden nageleefd, aldus Mitterrand.

Na de interventie van Mitterrand staakten de socialisten hun verzet tegen het bijeenroepen van het Hoge Hof, dat moet worden samengesteld uit afgevaardigden van de Senaat en de Nationale Vergadering. De rechtse oppositie heeft een aanklacht geformuleerd tegen drie voormalige bewindslieden, Georgina Dufoix, destijds minister van sociale zaken en gezondheid, staatssecretaris Edmond Herve van gezondheid en de toenmalige oud-premier Laurent Fabius. De PS vindt dat de aanklacht veel te ver gaat en meent ook dat Fabius, die zich - overigens evenals de twee andere oud-ministers - onschuldig acht, om politieke redenen als doelwit is geselecteerd.

De actie "beschadiging lijsttrekker Fabius' van de oppositie behoort tot het politieke spel van alledag. De socialisten kunnen echter moeilijk verkroppen dat Mitterrand, de oprichter van de PS, de partij kennelijk al heeft afgeschreven en zich voorbereidt op het "samenleven' (cohabitation) met een rechtse regering na de verkiezingen van komend voorjaar. Mitterrand heeft zich tot nu toe onthouden van enig goed woordje voor Fabius, die hij ooit als zijn "kroonprins' introduceerde. Fabius behoort echter inmiddels ook tot het kamp der “ongeduldigen” (Mitterrand); de potentiële presidentskandidaten van links en rechts die hopen op het (voortijdige) vertrek van de president.

Alle belangrijke voormannen van de Parti Socialiste hebben hun solidariteit met Fabius betoond, “niet omdat hij socialist is maar omdat hij onschuldig is”, zoals oud-premier Michel Rocard zei. De "aanval' van de rechtse oppositie op Fabius rond het Hoge Hof vloeit volgens hun zienswijze voort “uit wat Fabius is, en niet om wat hij heeft gedaan”. Het stilzwijgen van het Elysee wordt gezien als een teken dat Mitterrand de kameraden in de steek laat in het vooruitzicht van de onvermijdelijke nederlaag die de partij met de "beschadigde' Fabius aan het hoofd tegemoet lijkt te gaan.

De verwijdering tussen Mitterrand en zijn partij kwam tot uiting in de scherpe kritiek op Mitterrand die afgelopen zondag een krans liet deponeren op het graf van maarschalk Pétain als "held van Verdun'. Vele socialistische voormannen herinnerden eraan dat Pétain in de geschiedenis toch vooral de man was die tijdens de Tweede Wereldoorlog met de nazi's samenwerkte en de jodenvervolging toestond. “Ik hoop dat dit gebaar voortaan achterwege blijft”, zei Fabius enkele dagen voordat het partement beslist over zijn eigen ontmoeting met de geschiedenis van het aids-schandaal, dat de Franse politiek nog lang zal blijven beheersen.