Pianist Sal Mosca klutst jazznummers

Concert: de Amerikaanse pianist Sal Mosca. Gehoord: 14/11 BIMhuis, Amsterdam.

“Muziek heb ik nooit gezien als iets waar je geld mee kon verdienen. Ik voel me de bescheiden beoefenaar van een grote kunst. Dat is altijd genoeg voor me geweest.”

Dat zei pianist Sal Mosca in deze krant toen hij in 1981 op uitnodiging van het Holland Festival voor het eerst in Nederland speelde. Dat er geen sprake was van koketterie, werd snel duidelijk. Na nog één optreden - naast tenorsaxofonist Warne Marsh op het NOS Jazzfestival '82 - liet hij tien jaar lang niets meer van zich horen, zelfs niet via platen.

Dat Mosca, inmiddels 65, met marketing nog altijd geen feeling heeft, bleek zaterdag in het BIMhuis. Hij kondigt geen stukken aan, praat niet tegen het publiek, pas in de kleedkamer wil hij kwijt dat er zojuist twee cd's verschenen zijn. Nee, hij heeft ze niet bij zich en waar ze in Nederland te krijgen zijn weet hij ook niet. Eigenlijk treedt Mosca ook niet op, hij stemt er soms in toe dat er publiek bij is terwijl hij studeert. Het BIMhuis is slechts een wat groot uitgevallen repetitie-ruimte waarin Mosca studeert op de songstandards waar hij mee opgroeide en een enkel stuk uit de bebop-tijd.

Toen Mosca eind jaren veertig les nam van Lennie Tristano vertelde hij dat hij net zo wilde leren spelen als de goddelijke Art Tatum. Tristano moest er hartelijk om lachen, maar Mosca's toenmalige ambitie lijkt nog altijd intact. I remember April wordt versierd met lange slingers, All the Things You Are en Night in Tunesia krijgen allerlei uitbouwsels, een torentje hier, een trappetje daar. Dat het totaaloverzicht hierdoor wel eens verloren gaat, dat de swing herhaaldelijk stokt, lijkt niet Mosca's zorg. Een vrije bloemlezing uit The Great American Songbook, dat is wat hij zich ten taak heeft gesteld. Uit het hoofd wel te verstaan, want op de gloednieuwe witte vleugel ligt geen enkel stuk bladmuziek, zelfs geen spiekbriefje met titels. Dat Sweet and Lovely eindigt als Whispering, en dat All the Things met Night in Tunesia wordt 'gekruist', wekt dan ook geen verbazing.

Volgens Tristano was Tatum een cocktailpianist, maar voor Mosca lijkt dat geen denigrerende omschrijving. Hij speelt als een barman die met zijn shaker jongleert en humt al doende een beetje mee. Over de aard van zijn brouwsels valt wel eens te twisten maar dat is vooral een kwestie van smaak. Wie van Stardust, I Cover the Waterfront plus nog vier andere songs een verteerbaar geheel kan maken, weet wel wat klutsen is.