Meer mens dan een profrenner

Afscheid van Henk Lubberding betekent afscheid van de wielersport in zijn oorspronkelijke vorm.

Weinig beroepswielrenners die zich zo in dienst van anderen stelden. Lubberding was geen jongen van de voorgrond. Sinds hij als jonge renner merkte dat hij de last van kopman niet kon dragen, dat de verantwoordelijkheid hem nerveus maakte, legde hij zich toe op steun aan echte winnaars, aan afmakers. Hij werd er een grootheid in, zoals er maar weinigen meer zullen zijn in de wielersport nieuwe stijl. Het peloton kent geen dergelijk sociaal gedrag meer. In het peloton draait het om afgunst, rancune, commercialisering en mondialisering, totdat in het binnenland van Afrika ook een wedstrijd om de wereldbeker wordt verreden. In de wielersport is het kapitaal de baas. En daar hoort Lubberding niet meer thuis.

Lubberding was zo eigenwijs als een boer. Hij vertrok niet met kopman Jan Raas bij de ploeg van Peter Post, omdat hij geen meeloper is. Maar Lubberding was wel vaak ziek, omdat hij een twijfelaar is. Lubberding was meer mens dan profrenner. Vraag het Post, aan wie hij bijna 16 jaar trouw was. De immer rationele ploegleider verloor zaterdag bij het afscheidsfeest van de wielrenner voor het eerst publiekelijk zijn gevecht met emoties en omhelsde zijn protégé zoals hij nog nooit iemand in het openbaar heeft aangeraakt.

Toen ik in september 1977 voor het eerst Lubberding bezocht nadat hij als amateur derde in de Tour de l'Avenir was geëindigd, stond de stamppot in de keuken van de boerderij in Voorst te dampen. Op de deel hing een gepoetste racefiets, in de kamer tikte een hangklok. Hij stond aan het begin van een profcarrière. Post zag in hem een ronderenner, die in de bergen kon meerijden. Meer dan de beste in het jongerenklassement van de Tour, twee Nederlandse titels, drie Tourritten en een zege in Gent-Wevelgem was niet weggelegd voor Lubberding.

Vijftien jaar later hing op de deel van de boerderij nog steeds een gepoetste racefiets en in de kamer nog de hangklok. Lubberding was geen superstar geworden. Hij wilde dat niet worden, kon dat ook niet. Hij verloochende zijn afkomst nooit. Zijn dialect bleef hij trouw. Zijn haren bleven lang. De boerderij is zijn leven gebleven, de natuur, de koeien, de blonde aquitaines die zijn hart hebben gestolen. Zo oprecht en openhartig was zelden een sportman. Henk Lubberding was normaal. Zulke sportmensen worden met de dag schaarser.