VS kunnen Rusland helpen met huizen

Rusland weigert zijn troepen in 1993 uit Estland en Letland terug te trekken zoals was afgesproken. Eén van de argumenten die vaak door Moskou zijn gebruikt om de troepen niet op korte termijn terug te trekken is het ontbreken van huisvesting in Rusland voor de ongeveer 55.000 militairen. Met Litouwen is wel een akkoord bereikt.

Op 23 oktober maakte de Russische minister van defensie, Pavel Gratsjov, bekend dat het Russische opperbevel de terugtrekking van de Russische troepen uit de Baltische landen wil opschorten, vooral met het oog op het gebrek aan huizen in Rusland voor de getrouwde officieren en hun gezinnen. Die beslissing, die op 30 oktober door president Boris Jeltsin werd bevestigd, werd in de Baltische landen met grote bezorgdheid ontvangen.

Het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken liet eveneens weten bezorgd te zijn. Als het besluit niet wordt herzien zou het wel eens hoogst onaangename consequenties kunnen hebben voor de betrekkingen tussen de landen in de regio en tussen de Verenigde Staten en de onder zware druk staande Russische regering.

Tegen die achtergrond stel ik voor dat de Amerikaanse regering als gebaar van goede wil en als bijdrage aan de stabiliteit van het Oostzeegebied, in grotere mate meehelpt aan de bouw van fatsoenlijke woningen in Rusland voor de officieren die deel uitmaken van de Russische strijdkrachten en actief dienst doen in de Baltische landen.

Het aantal betrokken gezinnen zou wel eens 20.000 kunnen bedragen en het is nodig niet slechts individuele woningen te ontwerpen en te bouwen, maar een hele sociale en fysieke infrastructuur - kleine gemeenschappen.

De Deense regering heeft de Russische overheid al zeer genereus hulp aangeboden. Andere Noordse regeringen kunnen dat ook nog doen. Maar er blijft een grote kloof bestaan die Washington wellicht zou kunnen overbruggen. Dat zou een belangrijke bijdrage kunnen zijn op de schaal - en in de traditie - van het grote en succesvolle hulpprogramma dat ten tijde van de grote Russische hongersnood in de vroege jaren twintig is uitgevoerd door de American Relief Administration.

Aan Amerikaanse zijde zouden daarbij naast de regering stadsplanners en de woningbouwindustrie moeten worden ingeschakeld. Het plan zou de enthousiaste medewerking van de Russische en Baltische autoriteiten vereisen. Maar de Amerikaanse inspanningen zouden toch vooral onder Amerikaanse leiding moeten plaatshebben, en alle diensten en al het materiaal zouden moeten voldoen aan de hoogste kwaliteitseisen.

De potentiële voordelen zijn indrukwekkend. Het project zou de Baltische en de Russische regeringen verlossen van één van de ernstigste problemen die ze hebben. Het zou de stabiliteit bevorderen en het zou een belangrijk obstakel wegnemen dat Rusland in de weg staat bij de pogingen de desintegratie van de voormalige Sovjet-Unie de baas te worden.

Ik heb me sceptisch opgesteld over de vele ideeën die zijn geopperd voor de hulp die Rusland kan worden geboden bij de bestrijding van de huidige misère. Maar ik zie dit programma, dollar voor dollar, als de meest hoopvolle bijdrage die de Amerikanen kunnen leveren bij het bestrijden van problemen die voor de rest van Europa nauwelijks minder gevaarlijk zijn dan voor de Russen zelf.

Van Russische zijde moeten verzekeringen worden geven dat er geen vertraging optreedt en dat niet wordt geaarzeld bij de terugtrekking van de troepen naarmate de woningen beschikbaar komen. De Baltische regeringen moeten erop toezien dat de normale burgerrechten worden verleend aan de grote Russsiche minderheden die naar verwachting in hun landen achterblijven.

De urgentie van de toestand moet worden ingezien en er moeten zonder uitstel onderhandelingen beginnen met de Russen. Ook moeten de psychologische gevolgen van een snelle en energieke reactie niet worden onderschat. Het onmiddellijke publieke antwoord op George Marshalls toespraak in Harvard in 1947, waaruit later het Marshall Plan voortkwam, was er indertijd één van intense opluchting en gretigheid: een groot deel van het probleem dat aan de toespraak ten grondslag lag, werd op dat moment opgelost door de veranderde houding van de meest betrokken mensen.

Er zullen stemmen opgaan die eisen dat als er op grote schaal met Amerikaanse middelen huizen worden gebouwd, dit huizen voor Amerikaanse daklozen zouden moeten zijn. Maar noch bij de behoeften waaraan moet worden voldaan, noch ten aanzien van de normale financiële middelen bestaat er enige overeenkomst tussen deze twee problemen en ze sluiten elkaar bovendien niet uit, zelfs financieel niet. Er zijn de afgelopen maanden en jaren veel plannen voor hulp aan Rusland in overweging genomen. Ze zouden allemaal geld hebben gekost. Dit plan lijkt op het ogenblik gewoon het meest praktisch en het meest geschikt; de kosten zouden niet buitensporig zijn.

De Duitsers zouden betrokken zijn bij een soortgelijk programma voor de bouw van woningen in Rusland voor leden van de Russische strijdkrachten die uit Oost-Duitsland worden teruggetrokken. De Amerikanen zouden moeten kunnen profiteren van hun ervaringen, net zoals van die van andere regeringen, vooral de Finnen, die hotels en andere gebouwen in Rusland hebben gebouwd.

Ik zou graag willen denken dat een dergelijke Amerikaanse inspanning uiteindelijk zou kunnen leiden tot het bestaan in Rusland van woongemeenschappen die niet alleen voorzien in een dringende behoefte maar die een blijvend bewijs vormen van het Amerikaanse inlevingsvermogen, de Amerikaanse competentie en de Amerikaanse goodwill.

© Washington Post/ NRC Handelsblad

    • Een Voormalige Amerikaanse Diplomaat
    • George F. Kennan
    • De Schrijver