Vrijhandel en vrijheid

Claremont, Calififornië - Hij kan het nog steeds. De smalle handen worden eerst uitgespreid, dan ineengevouwen. Vervolgens leunt hij met één elleboog op het katheder en wendt de blik opzij - net zoals tijdens de Kamerdebatten over Bloemenhove en de kruisraketten. Hij mompelt iets, om daarna met enige stemverheffing omhoog verend een bon mot te plaatsen. Triomfantelijk. Deze keer ging het over een transcendente meditatie-goeroe, die had aangeboden de Europese eenheid te bevorderen.

Aan het woord is het Hoofd van de delegatie van de Commissie van de Europese Gemeenschappen in de Verenigde Staten, Andreas van Agt. Hij is nu eenenzestig en mag worden aangesproken met Mr. Ambassador. Zijn toespraak ("The New Europe: Its Meaning for the World Community') is de keynote address ter opening van een conferentie aan Pomona College, één van Amerika's beste "liberal arts colleges', vijftig kilometer ten oosten van Los Angeles. Topfunctionarissen uit Washington en politici uit Europa zijn aangevoerd om vergezichten en speldeprikken uit te wisselen over de GATT-onderhandelingen en het protectionisme aan beide zijden van de Atlantische Oceaan.

Tegen het eind van het vragen-halfuurtje komt uit de zaal een pertinente vraag over extreem rechts in Europa. Hoe verklaart Mr. Ambassador de aanvallen op vreemdelingen en de brandstichtingen van de laatste maanden? Van Agt spreidt de handen ten hemel en bekent ootmoedig: “That goes beyond my knowledge as a simple lawyer.” Op vertrouwelijke toon licht hij zijn eigen woorden toe. Men moet psycholoog zijn om daar een antwoord op te weten. Maar het verschijnsel heeft zeker het potentieel een serieuze crisis op te leveren. Europa heeft een immigratiestroom uit het oosten en zuiden te verwerken zoals nooit tevoren.

Zo zit dat. Het Amerikaanse publiek is na afloop tevreden. Mooi gesproken. Vooral het slot, waarin hij opriep dagelijks op de knieën te gaan en te bidden dat er geen nieuw Tsjernobyl zou komen, geniet een goede weerklank. “Zo hoor je politici en diplomaten niet vaak.” Niet alles was te verstaan geweest, voegen sommigen er schoorvoetend aan toe. Misschien was dat toen hij het had over “Europe hetchhock”, een diertje dat zich niet goed kan verdedigen. Zo moet Europa niet worden.

“But, dear American friends, Europe is rising in selfconfidence, every day more. Let's hope Europe will thrive!” Dat gaat er in. De verkiezingscampagnes zijn lang genoeg achter de rug en president Bush is aan het vissen. Men weet wel raad met zo'n overtuigde uithaal. Van de koningin der wetenschappen heeft hier niemand gehoord.

De Delegatieleider van de vertegenwoordiging der Europese Commissie wordt even later in enthousiasme overtroffen door (naar eigen zeggen) de jongste man in het Europese parlement. Alan Donnelly, de 35-jarige "president van de delegatie uit het Europese parlement voor betrekkingen met de Verenigde Staten', was niet zo lang geleden nog assistent van Labour-leider Kinnock en diens opvolger Smith staat zijn mannetje.

De pro-Navo socialist uit Jarrow in noordoost-Engeland prijst het Europarlement als de meest ontvankelijke van alle Europese instellingen, “omdat het als enige bestaat uit gekozen EG-vertegenwoordigers”.

Desondanks, het democratisch tekort moet worden opgeheven: de macht die nationale parlementen kwijt zijn, is verderop in Europa nergens terechtgekomen. Desnoods stemt hij tegen aansluiting bij de Gemeenschap van welvarende landen als Zweden, Noorwegen, Zwitserland en Oostenrijk. Als hefboom om meer bevoegdheden voor het parlement los te krijgen. Langs een andere weg lukt het niet.

De huidige voorzitter van Europa, Engelands John Major, doet niets aan de gebrekkige bevoegdheden van het parlement, klaagt Donnelly. “Hij geeft er de voorkeur aan te zitten draaien aan de denkbeeldige windmolen van de subsidiariteit, als een moderne Don Quichot.” Beter is het om de twijfelende burgers te bewijzen dat Europa ergens over gaat door een economisch groeipakket te lanceren en de werkloosheid met zichtbaar effect aan te pakken. Wie zal dat betalen? Enige vergroting van een “well managed deficit” is verantwoord en nodig. (Zonder er bij te zeggen dat volgens de criteria van het verdrag van Maastricht de meeste landen hun tekort juist snel moeten terugbrengen vóór zij rijp zijn voor de monetaire unie.)

De Amerikaanse staatssecretaris van buitenlandse zaken, belast met Europa en Canada, Thomas Niles, is niet onder de indruk. Hij is ambassadeur bij de EG geweest. Volgens hem heeft Europa er meer aan wanneer de Bundesbank de rente verlaagt. En het GATT-verdrag doorgaat.

Niet verrassend wordt hij daarin bijgevallen door zijn ex-collega uit de regering-Bush, Rockwell Schnabel, de in Nederland geboren Amerikaanse onderminister van handel (tot 1 september). Die bezingt de vreugden en deugden van de vrijhandel. Met Mexico en Canada is een verdrag gesloten dat een vrijhandelszone van 360 miljoen mensen omvat, goed voor een derde van het bruto nationale produkt in de wereld. Dit NAFTA-verdrag zet grenzen open voor goederen, maar niet voor mensen. Het is geen EG, stelt Schnabel tevreden vast.

Hij wordt van repliek gediend door Engelands meest pro-Europese Conservatief in het Lagerhuislid, Hugh Dykes. “Vrijhandel is als appeltaart, mooi weer en een gratis vakantie in Spanje. Allemaal hebben we een geschiedenis van bescherming van eigen markten. Ook de Amerikanen. De Fransen hebben hun boerenstand al aanzienlijk verkleind. Dat kost pijn en moeite. De Engelse regering doet altijd alsof wij de enigen in Europa zijn die niet aan protectie meedoen. Vergeet het maar, ik heb een hele lijst van de barrières die we zelf hanteren.”

Zo kibbelen de kenners bekwaam een beter begrip bij elkaar. In hun enthousiasme voor vrijhandel zonder verder gezeur illustreren de Amerikanen dat een wereld zonder handelsbarrières ook een wereld is waarin het laagste gemene veelvoud de sociale standaard zal bepalen: dure produktie houdt het niet uit op één grote, vrije markt. De vraag die levensgroot opdoemt is: beperkt vergaande vrijhandel de vrijheid van landen om een kostbare maar door dat volk gewenste WAO en een VUT in stand te houden? EG en NAFTA en later nog grotere verbanden zullen zorgen voor meer welvaart voor iedereen. Maar zal dat de democratie, het verantwoording afleggen voor beleid, ook verder doen vernevelen? Daar heeft niemand een antwoord op.

Dykes is er optimistisch over dat het allemaal goed komt. “Maar ik hanteer de klassieke definitie van optimisme. Dat is die van de 97-jarige man die voor de vijfde keer trouwt en een huis koopt dicht bij een goede school.”