"Ongevallen voetgangers statistisch genegeerd'

ROTTERDAM, 14 NOV. Voetgangers lopen op straat meer gevaar dan de cijfers doen vermoeden. Hun vaak kleine ongevallen worden meestal niet geregistreerd. Door de invoering van het Nieuw Burgerlijk Wetboek kunnen gemeenten gemakkelijker voor ongevallen van voetgangers aansprakelijk worden gesteld.

Dit staat in een gezamenlijk onderzoek van de ANWB en de voetgangersvereniging VBV naar de problemen en wensen van voetgangers. Volgens de twee organisaties worden ongevallen met voetgangers “gebagatelliseerd en statistisch genegeerd”. Vaak wordt geen politie-assistentie gevraagd en dus geen proces verbaal opgemaakt. Ongevallen waar geen rijdend verkeer bij is betrokken (een voetganger die struikelt en zijn pols breekt), worden niet als een ongeval beschouwd en daarom buiten de statistieken gehouden.

Eerder rekende de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid voor dat minder dan één op de achttien ongevallen met voetgangers in de Verkeersongevallenregistratie terechtkomt. Dit zou betekenen dat jaarlijks ongeveer 73.000 voetgangers gewond raken, terwijl het volgens de Verkeersongevallenregistratie om 4.000 ongevallen gaat.

De meest gehoorde klacht in de enquête, waarop vooral ouderen hebben gereageerd, betreft het gebrek aan ruimte op trottoirs. Fietsen, half op het trottoir geparkeerde auto's, steigers, overhangend groen: met name in combinatie met slechte verlichting gebeuren hierdoor ongelukken die het ouderen soms wekenlang onmogelijk maken boodschappen te doen of een maaltijd te bereiden. Ook over de staat van onderhoud van trottoirs, waar losse tegels een ontspannen wandeling kunnen verstoren en bushokjes vaak in de weg staan, kwamen klachten binnen.

Volgens de ANWB en de VBV zullen “de toenemende mondigheid ook van de oudere voetganger” en de veranderde aansprakelijkheidspositie van de wegbeheerder leiden tot meer schadeclaims. De organisaties stellen voor dat gemeenten "meldpunten' inrichten en “natuurlijk ook wat met de meldingen doen”.