Fatale steekpartij bij wraakoefening allochtonen

ROTTERDAM, 14 NOV. “Het is feest in Rotterdam”, dendert het om tien uur 's avonds vanuit de disco van eetcafé Carillon over de Coolsingel in Rotterdam. Vanaf het er naast gelegen Stadhuisplein rennen naar schatting honderd opgewonden zwarte jongeren alle kanten op. Ze komen van de Lijnbaan.

Daar ligt, tegenover de Burger King, onder een witte doek een 14-jarige Surinaamse jongen die zojuist is doodgestoken.

ME'ers met schilden en helmen hebben de plaats van de steekpartij afgezet en verdrijven af en toe groepjes toegesnelde jongeren. De verwarring is groot. “Wij zwarten zijn stom, we zijn heel stom”, zegt Glen, een Antilliaanse jongen.

Zo'n tweehonderd allochtone jongeren hadden gisteravond afgesproken samen met de metro naar de Rotterdamse nieuwbouwwijk Zevenkamp te gaan om af te rekenen met “skinheads”. Het plan was blanke jongeren te grazen te nemen die vorige week tijdens de kermis in Zevenkamp een Marokkaan hadden afgetuigd. “Voor het eerst waren we allemaal samen, Marokkanen, Kaapverdianen, Surinamers en Antillianen”, zegt de 18-jarige Jerry, een Surinamer. “Buitenlanders helpen buitenlanders”, vult een Turkse jongen aan.

Maar wat een gecoördineerde wraakoefening had moeten worden, eindigde in een onderlinge ruzie tussen Surinamers om een meisje, met dodelijke afloop, bevestigt later de politie. De geplande confrontatie tussen twee groepen jongeren bleef uit omdat de op rellen bedachte politie, die 125 man had ingezet, de allochtone jongeren bij het metrostation Capelsebrug tegenhield.

“Er waren zeventig skinheads uit Duitsland gekomen”, verzekert Jerry. Maar bijna niemand heeft er een gezien. “Er zijn hier helemaal geen skinheads”, zegt een politieman. Hoewel, een Antilliaan meent er eentje te hebben gezien: “Hij had een hakenkruis op zijn kop geschoren”.

Drie blanke scholieren die deze avond, zeggen zij, de kant van de “blakka's” (zwarten) hebben gekozen, verklaren ook één skinhead te hebben gezien. Voor de drie blanke jongeren is het vanzelfsprekend dat ze vanavond aan de zijde van de allochtone jongeren wilden vechten. “Skinheads moeten dood. En die moffen moet ik al helemaal niet”, vertelt Arno Zuur (19). “Ik heb zelf zwarte vrienden, vandaar. Maar Marokkanen en die tyfus-illegalen moeten het land uit want die wonen met z'n 120-en in één appartement.”

Zijn 19-jarige langharige vriend Nampie knikt instemmend en wijst naar een politieman te paard: “Kijk, die Nazi daar met zijn jodenbril. Dat zijn de echte kankerlijers.” Nampie en Arno zijn in de stemming. “Moet je zondag bij Feyenoord- Ajax langskomen. Dan gaan al die joden eraan.”

Glen kan de gang van zaken van vanavond in het geheel niet verteren. “Die skinheads lachen zich nu kapot. Zij hoeven voortaan geen wapens mee te nemen om ons aan te vallen want wij gaan elkaar zelf wel te lijf.” Dat lot trof ook de 17-jarige Surinaamse verdachte van de steekpartij. Direct na het incident werd hij gemolesteerd door woedende omstanders. Door arrestatie kon hij uit de meute worden bevrijd.

Pag.3: "Wij zwarten krijgen een slechte naam'

“We waren allemaal kwaad omdat we die skins niet te pakken kregen. Je bent geladen dus je moet iets doen”, zegt een Surinaamse omstander. Een Antilliaans meisje verzekert echter dat de jongeren rustig naar muziek uit hun gettoblaster stonden te luisteren op hun vaste ontmoetingsplaats. “Opeens stond er iemand met een mes en lag er een jongen op de grond. Ik riep nog: geef hem lucht, maar niemand deed iets.”

Haar vriend schetst onmiddellijk de consequenties van het voorval. “Wij zwarten krijgen nu allemaal een slechte naam. Straks ga ik solliciteren en dan krijgen de buitenlanders weer de rekening gepresenteerd”. De politie vangt de gesprekken op en probeert tevergeefs getuigen te verzamelen. Een Antilliaans meisje worstelt zich los als een agent haar bij de arm neemt. Even raken de jongens afgeleid. “Hé, daar loopt John van Dijk van SVV”, zegt een van hen en wijst naar de in een felrode jas passerende voormalige eigenaar van de voetbalclub. Het gesprek gaat nu over Van Dijks nieuwe, jonge vriendin.

Een van de omstanders meldt dat hij snel weg moet. Hij woont in Zevenkamp en durft uit angst voor skinheads eigenlijk niet naar huis. Toch is er om middernacht niets te beleven in deze buitenwijk. Alleen in Snookerclub Matchroom hebben zich - uitsluitend blanke - jongeren verzameld. “Skinheads heb ik hier nog nooit gezien”, zegt een jongen die zijn aandacht vooral richt op de Phantom-gokkast. “Is er een steekpartij geweest tussen zwarten in het centrum? Nou, dat zoeken die gasten zelf maar uit.”