Nederlandse student in Leuven doet het slecht

BRUSSEL, 13 NOV. Het cliché over de slimme Hollander en de domme Belg heeft onherstelbare schade geleden - Nederlandse geneeskunde studenten aan de Katholieke Universiteit Leuven doen het spectaculair slecht, vergeleken met hun Vlaamse studiegenoten. Van de 109 Nederlanders die zich vorig jaar inschreven slaagde maar twintig procent. Van de 346 Vlamingen slaagde daarentegen 57,5 procent.

Menig Nederlandse student druipt halverwege het jaar met de staart tussen de benen af, terug naar het vaderland. De KU Leuven begint dan ook een actie om aspirant-studenten uit Nederland te waarschuwen. Alleen wie tenminste op een 7,5 voor natuurkunde, scheikunde en biologie kan bogen maakt een kans om het eerste jaar te halen, zo is uitgerekend.

KU-woordvoerder prof. ir W. Geysen is enigszins verlegen met de situatie. “Ze zijn hier welkom, hoor. We zijn hier overtuigde Europeanen. Maar de kwaliteit moet wel goed zijn”. Daaraan ontbreekt het, zo is zijn indruk. Leuven trekt vooral diegenen die door minder goede eindexamencijfers de gewogen loting voor een plaats aan een Nederlandse faculteit niet hebben doorstaan. Voor uitgelote Nederlandse studenten “zijn wij een soort tweede kans onderwijs geworden”, aldus Geysen. Op den duur, meent hij, “is dat voor de Vlaamse overheid financieel niet meer haalbaar”. Nederlandse studenten zijn door hun vooropleiding ook “minder goed voorbereid op onze wijze van studeren”. Nederlandse middelbare scholen bieden meer vrijheid, terwijl in Vlaanderen de scholieren gewend zijn aan een strakker systeem met meer examens.

Aan toelatingsexamens wordt voorlopig niet gedacht. De Europese regels maken dat niet mogelijk. Het is bovendien in strijd met wat Geysen het “sociale karakter” van het eerste jaar noemt. Iedere student, ongeacht milieu, afkomst of nationaliteit moet dan de vrijheid hebben voor zichzelf uit te vinden of de opleiding voor hem is weggelegd. Een goed toelatingsexamen in natuurkunde, biologie en scheikunde behoeft evenmin direct relevant te zijn voor de latere uitoefening van het artsenberoep, merkt Geysen op.

Bij andere studierichtingen doet het "Nederlander'-effect zich niet voor. Geneeskunde is de belangrijkste emigranten-trekker.