Brinkmans bravoure

BOVENMEESTER BRINKMAN heeft gesproken. Het kabinet gaat opnieuw voorwaardelijk over.

Dit oordeel is nauwelijks verrassend te noemen. Het debat in de Tweede Kamer over de nieuwste bezuinigingsplannen van het kabinet verliep gisteren zoals voorspeld. Dat CDA-fractievoorzitter Brinkman het kabinet zou opblazen, was uitgesloten. Maar dat hij de ministersploeg verder de duimschroeven zou aandraaien, lag in de lijn der verwachtingen. En zo gaf de Tweede Kamer de gebruikelijke rolverdeling te zien: een tevreden fractievoorzitter van de PvdA, een ontevreden fractievoorzitter van de VVD, een analyserende fractievoorzitter van D66 en een ongeduldige fractievoorzitter van het CDA.

Het kabinet heeft weer enkele maanden respijt gekregen tot de volgende computeruitdraai van het Centraal Planbureau. Als die in de tweede helft van februari gereed is, kan het kabinet direct beginnen met het opstellen van de begroting voor het verkiezingsjaar 1994. Een sluitende begroting, want Brinkman heeft geëist dat de boedel die het kabinet achterlaat niet van een hypotheek wordt voorzien. Het is de vertrouwde, maar ook wat vermoeiend wordende manier van opereren van de fractievoorzitter van het CDA. Samen op weg met het kabinet trekt hij aan de horizon zijn grenzen. Maar aangezien de horizon steeds verschuift, verschuiven ook zijn grenzen.

De manier waarop het kabinet komend jaar de boekhouding volgens de normen van het regeerakkoord kloppend wil houden, krijgt inmiddels de instemming van de grootste regeringsfractie. Had het CDA aanvankelijk nogal wat moeite met de grote hoeveelheid incidentele maatregelen om het tekort te reduceren, gisteren bleek de partij zich neer te leggen bij de door het kabinet voorgestelde verdeling. Wat die instemming nu precies inhoudt is overigens gissen, want tegelijkertijd maakte Brinkman weer de nodige voorbehouden. Zo mogen de eenmalige bezuinigingen bij defensie niet ten koste gaan van de luchtmobiele brigade en zal elke maatregel op het onderwijsvlak zeer kritisch worden beoordeeld tegen de achtergrond van de wetenschap dat minister Ritzen wel geld beschikbaar wil stellen voor salarisverbetering van onderwijsgevenden.

BEGROTING VOOR BEGROTING zal de politieke steun blijken, zonder dat ooit een gefundeerd totaal over het geheel gegeven is kunnen worden. De totstandkoming van de begroting voor 1993 was al uniek, de parlementaire behandeling doet er op deze manier niet voor onder. Nog nooit zo vroeg, reeds in april van dit jaar, begon het kabinet te praten over het nieuwe jaar inclusief de onvermijdelijke koopkrachtoverzichten. Maar pas eind deze maand, als de ministers hun concrete aanvullende bezuinigingsplannen voor het komende jaar hebben ingediend, zal het beeld compleet zijn. De Tweede Kamer kan dan nog slechts per begroting oordelen. Het is een vorm van decentralisatie die nu juist niet gewenst is.

Het kenmerk van het kabinet-Lubbers/Kok is dat het in een permanente staat van begrotingsoverleg verkeert. Goed wellicht voor de budgettaire discipline, maar funest voor het voeren van een lange-termijnbeleid. Ministers strompelen nog slechts van bezuiniging naar bezuiniging. Was er in het begin meer reserve ingebouwd, dan waren de problemen nu niet zo groot geweest. Tien jaar geleden zei minister-president Lubbers tijdens zijn eerste regeringsverklaring dat de verzorgingsstaat gesaneerd diende te worden. Nu wordt nog steeds hetzelfde gezegd.

Over de verzorgingsstaat zal het ook over enkele maanden gaan als de plannen voor 1994 worden besproken. CDA-fractievoorzitter Brinkman heeft gisteren aangegeven waar de miljoenen zijn te halen: bij de woningbouwsubsidies, studiefinanciering, sociale zekerheid en de volksgezondheid. Sectoren waar de PvdA niet allereerst aan denkt zoals fractievoorzitter Wöltgens het gisteren eufemistisch uitdrukte. Minister Kok van financien (en PvdA-leider) liet en passant even vallen dat als Brinkman daar aan dacht hij het debat wel wat breder wilde voeren door dan ook te praten over inkomensafhankelijke kinderbijslag en studiefinanciering.

KORTOM, de verkiezingen naderen en de cijfers maken langzaam maar zeker plaats voor de ideologie. Brinkman heeft zijn positie als vanouds gemarkeerd. Maar zomin als het kabinet de boedel met een hypotheek kan achterlaten, kan Brinkman dat. Zijn woorden van gisteren scheppen voor het eerst echt verplichtingen.