Waarom het Vaticaan tegen is

ROME, 12 NOV. Het meningsverschil over de vrouw in het priesterambt is, met het rooms-katholieke verbod op anti-conceptiemiddelen, de belangrijkste hindernis voor verdere toenadering tussen Rome en de anglicaanse kerk.

Joaquin Navarro Valls, de woordvoerder van het Vaticaan, onderstreepte gisteren in een ongebruikelijk snelle reactie op het besluit van de anglicaanse kerk dat het voor Rome om een principiële zaak gaat. “De katholieke kerk vindt dat zij op theologische gronden niet het recht heeft om een dergelijke wijding (van vrouwen tot priesters) goed te keuren.”

In een document van 120 pagina's over vrouw en kerk met de titel Mulierem dignitatis, de waardigheid van de vrouw, heeft paus Johannes Paulus II in 1988 uitgelegd wat die redenen zijn. De paus herhaalde wat zijn voorganger Paulus VI daarover twaalf jaar eerder had gezegd: Christus heeft zijn groep apostelen samengesteld uit louter mannen, daarom moet ook de groep priesters uit louter mannen bestaan.

In dit document bestreed de paus de stelling dat het een tijdgebonden besluit was, genomen in een periode dat de vrouw een ondergeschiktere rol had. “Toen Christus alleen maar mannen als apostelen bij zich riep, deed hij dat uit vrije en soevereine keuze, met dezelfde vrijheid waarin heel zijn gedrag in het teken heeft gestaan van de waardigheid en de roeping van de vrouw, zonder dat Hij zich aanpaste aan de toen geldende gebruiken en aan de traditionele wetten”, schreef de paus.

Het verbod op een vrouw als priester gaat terug tot de beginjaren van de kerk. Het vereiste van een celibatair leven is daarentegen pas na een paar eeuwen ingevoerd, en het bleek in de Middeleeuwen nodig om opnieuw het celibaat met nadruk voor te schrijven.

Het besluit van de anglicaanse kerk om officieel vrouwen toe te laten in het priesterambt, iets wat in de praktijk van enkele autonome anglicaanse kerken zoals de Amerikaanse episcopale kerk al gebeurde, betekent een domper op jaren van succesvolle toenadering. In 1534 scheidden de anglicanen zich af van Rome omdat koning Henry VIII het gezag van Rome niet meer erkende. Onder Careys voorganger Robert Runcie leek een verzoening mogelijk. Gemengde theologische studiegroepen publiceerden documenten over de sacramenten en het geestelijk leiderschap van de paus, en anglicaanse bisschoppen kwamen in Rome samen met de paus bidden.

Maar onder Carey, die twee jaar geleden werd gekozen, zijn de tegenstellingen weer verhard. Carey komt uit de evangelische vleugel van de anglicaanse kerk, terwijl zijn voorganger afkomstig was uit de hooganglicaanse vleugel, die veel dichter bij de katholieke kerk staat.