TNO bezuinigt ingrijpend op eigen onderzoek

DELFT, 12 NOV. De Nederlandse organisatie voor toegepast natuurwetenschappelijk onderzoek TNO gaat ingrijpend bezuinigen op haar gezondheidsonderzoek.

Dat heeft de raad van bestuur van TNO vanmiddag bekendgemaakt. Een deel van het onderzoek zal worden beëindigd. De groep die toxicologisch onderzoek doet wordt overgeheveld naar het voedingsonderzoek. Daardoor verdwijnen zo'n 70 arbeidsplaatsen. De raad van bestuur verwacht dat door natuurlijk verloop en interne herplaatsing vrijwel geen gedwongen ontslagen nodig zijn.

Niet bekend

In 1991 heeft TNO op het gezondheidsonderzoek, bij een omzet van bijna 100 miljoen gulden, ruim zes miljoen gulden verlies geleden. Dat komt doordat het onderzoek niet steeds volledig kostendekkend kan worden uitgevoerd en doordat Simons en Ritzen bij het toekennen van een basissubsidie aan TNO voor het gezondheisonderzoek al enige jaren geen vergoeding geven voor de opgetreden geldontwaarding.

In 1993 krijgt TNO ruim drie miljoen gulden subsidie minder voor deze sector. Voor 1994 is een bezuiniging van tien miljoen gulden op het gezondheidszorgonderzoek aangekondigd, waarvan TNO, zo verwacht het bestuur, “een substantieel deel voor zijn rekeningt krijgt”. De Raad voor het Gezondheidsonderzoek gaat het Nederlandse gezondheidsonderzoek doorlichten en bekijken of en waar taakverdeling en concentratie binnen het onderzoek mogelijk is en welke programma's beter kunnen worden beëindigd.

In 1991 boekte TNO een positief saldo van in totaal acht miljoen gulden op een omzet van 706 miljoen gulden. Het verlies bij gezondheidsonderzoek komt grotendeels voor rekening van het proefdierenonderzoek. In totaal telt TNO 4.950 arbeidsplaatsen, waarvan zo'n 670 bij de hoofdgroep gezondheidsonderzoek.