Dikke darm

Met veel belangstelling heb ik het artikel "Weinen' over het Irritable Bowel Syndrome van prof. dr. A.J. Duning, in W&O gelezen. Op dit onderwerp ben ik gepromoveerd.

Ik ben het met Dunning eens dat de toegepaste vormen van psychotherapie wel modegevoelig zijn maar dat de kwaal er ongevoelig voor is. De ziekte is inderdaad onschuldig, maar echt prettig is het natuurlijk niet, alsmaar pijnlijden.

Dunning schrijft dat een derde deel van alle maagdarmklachten uit pijn en wisselende ontlastingsgewoonten bestaat en dat het in zijn jeugd "spastisch colon' werd genoemd, kramp van de dikke darm. Veel verdere diagnostiek was toen nog niet mogelijk, behalve onderzoek van de ontlasting.

Bij mijn promotieonderzoek heb ik patiënten met het Irritable Bowel Syndrome (IBS) onderzocht waarbij de patiënten geselecteerd werden op het hebben van pijnklachten. Tegelijkertijd werden de optredende colon-contracties en de intraluminale druk in het S-vormige deel van de dikke darm geregistreerd. De contracties van het colon (zijnde de samentrekkingen van de spieren in de wand) waren zichtbaar doordat met bariumsulfaat de wand met een witte laag was bekleed die bij röntgendoorlichting gezien kon worden. De druk in het darmlumen kon gemeten worden met microtransducers in de darm.

Het bleek dat de patiënten met een IBS een ander contractiepatroon en een hogere druk in het colon hadden dan normale controle-personen. Er werden bij de IBS-patiënten vooral contracties gezien van de circulaire spierlaag in het colon. Hierdoor werden kleine segmentjes gevormd, waardoor er een afgesloten compartimentje ontstond (zie fig.).

In deze compartimentjes werden zeer hoge drukken gemeten, soms zelfs hoger dan de systolische bloeddruk (de hogere waarde van de twee waarden die je meet bij de bloeddrukmeting).

Het bleek dat het optreden van de pijnklachten gepaard ging met waarneembare heftige circulaire contracties en met buitengemeen hoge drukken.

Naast IBS-patiënten die verder aan het colon geen afwijkingen hadden, heb ik ook patiënten onderzocht met IBS pijnklachten en talrijke uitstulpingen van de dikke darm. Deze pijnlijders hadden eveneens een gelijktijdig optreden van pijn, contracties en hoge drukken. De intraluminale drukken waren bij hen nog hoger dan bij de eerder genoemde IBS patiënten. Een derde groep patiënten had geen pijn maar wel een diverticulosis van het colon. Zij toonden ook verhoogde drukken.

De conclusie van mijn onderzoek was dan ook dat er mogelijk een continuüm is: patiënten hebben pijn door hoge druk, de druk stijgt nog verder, en er ontstaan uitstulpingen.

De beperkte ruimte laat niet toe in te gaan op andere interessante facetten: dat door elastineafzet in de longitudinale spierlaag van het colon de circulaire spieren het alleen moeten doen waardoor ze sterk contraheren, wat tot hoge druk en pijnlijden aanleiding geeft; dat er drukreceptoren in het colon zijn die ook pijn kunnen gaan registreren; dat het "gezemel' over zemelen wel degelijk therapeutisch kan werken; dat je als persoon met buikpijn door abnormale coloncontracties wel "gestoord' moet worden omdat je telkens te horen krijgt dat er niets aan de hand is en het "zenuwen' zijn, zoals je ook gek wordt wanneer iemand je in je arm knijpt en zegt dat het geen pijn kan doen want "het is maar een kneepje', etc.

Dunning schrijft tot slot dat de geneeskunde mensen zelden gelukkig maakt. Dat het leven echter prettiger is als je weet waar je pijn vandaan komt lijkt mij onweerlegbaar.