Vlaamse "Karamazov': matte vaders en zonen

Voorstelling: Karamazov goes crazy door De Vereniging van Enthousiasten voor het Reële en Universele. Regie en spel: Dirk van Dijck, Johan Dehollander, Ryszard Turbiasz. Gezien: 9/11 De Brakke Grond Amsterdam. Aldaar t/m 14/11, daarna elders t/m 23/12.

Eenmaal per jaar maakt het Vlaamse groepje De Vereniging van Enthousiasten voor het Reële en Universele met een kleine projectsubsidie een voorstelling. Tot nog toe waren de produkties van Dirk van Dijck, Johan Dehollander en Ryszard Turbiasz bizarre pogingen de Waarheid en de Eenheid van de Werkelijkheid te achterhalen om tenslotte het Wereldraadsel te kunnen ontsluieren. Maar met hun vierde produktie Karamazov goes crazy slaan ze een andere weg in. Deze keer richten ze zich op een concreter onderwerp: de vadermoord en meer algemeen het generatieconflict.

De Gebroeders Karamazov, de roman van Dostojevski waarin drie broers hun vader om het leven brengen, diende als uitgangspunt, maar afgezien van het thema en een verwijzing in de titel, heeft het boek nauwelijks sporen nagelaten in de voorstelling. Van Dijck, Turbiasz en Dehollander wilden zich immers niet beperken tot het vader-zoonconflict, maar ook in ruimere zin de machtsverhoudingen tussen verschillende generaties erbij betrekken en zo leenden ze eveneens wat ideeën van Gombrowicz, Voltaire en Kurt Schwitters. Citaten van de auteurs werden aangevuld met eigen observaties en gedachten.

Toen de makers vonden dat ze genoeg materiaal bijeen hadden gesprokkeld, zetten ze zich aan de enscenering. Veel werk kan dat niet geweest zijn aangezien ze het niet nodig geacht hebben de teksten op enigerlei wijze met elkaar te verbinden. Karamazov goes crazy bestaat dan ook uit een aantal losse scènes, uitgevoerd door drie mannen in zwarte en grijze pakken op een kale vloer. In de loop van een uur en een kwartier spelen ze onder meer vaders en zonen, onderwijzer en leerlingen, psychiater en patiënt en steeds gaat het daarbij om relaties die grondig verstoord zijn, omdat de een de autoriteit van de ander in twijfel trekt.

Hoewel de scènes vaak een ernstige ondertoon hebben, is de presentatie luchtig. Uitzinnig, spitsvondig en onverwacht zoals de voorgaande produkties is deze voorstelling echter absoluut niet. De vertoning is mat en ongeïnspireerd. Misschien waren Dehollander, Van Dijck en Turbiasz van mening dat het thema dat ze nu bij de horens hebben gevat een andere, minder speelse aanpak behoeft, maar het geboden alternatief is zo saai dat je slechts verlangt naar een snelle afhandeling van het gegeven. In de totale windstilte die tijdens de voorstelling optreedt, getuigt de belichting nog van de meeste vindingrijkheid.

    • Noor Hellmann