Vervijfvoudiging van kantorenbouw voorzien

ROTTERDAM, 11 NOV. Als de plannen van de dertien stedelijke knooppunten met betrekking tot kantorenbouw doorgaan, zal het aantal vierkante meters kantoorvloer vervijfvoudigen. Nu gaat het nog om 2 miljoen vierkante meter, volgens de profielschetsen van de knooppunten moet dat 10 à 11 miljoen worden.

Dit blijkt uit de studie "Stedelijke knooppunten in perspectief' die het onderzoeks- en adviesbureau Buck Consultants vanmiddag heeft gepresenteerd. De studie werd verricht in opdracht van het stedelijk knooppunt Arnhem/Nijmegen en deels gesubsidieerd door de ministeries van economische zaken en VROM.

De stedelijke knooppunten zijn door dit laatste ministerie aangewezen in het kader van de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening. Het gaat om Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Groningen, Arnhem/Nijmegen, Eindhoven, Enschede/Hengelo, Maastricht/Heerlen, Leeuwarden, Zwolle, Breda en Tilburg. De knooppunten moeten een belangrijke rol vervullen bij het versterken van de internationale concurrentiepositie van Nederland.

Uit de studie "Stedelijke knooppunten in perspectief' komt naar voren dat de gemeentelijke bestuurders in hun plannen relatief veel aandacht aan kantorenbouw besteden, ten koste van de industrie. Voorzover er aandacht voor industriële ontwikkeling is, heeft dit vooral betrekking op moderne, hoogwaardige industrie.

In de studie wordt hierbij met name op Rotterdam gewezen: “Van een van de belangrijkste economische centra in Nederland zou mogen worden verwacht dat de industrie meer aandacht zou krijgen.” Als verklaring voor de geringe belangstelling voor traditionele industrie voeren de stedelijke knooppunten aan dat deze vervuilen en veel ruimte in beslag nemen.

"Stedelijke knooppunten in perspectief' noemt de plannen voor kantorenbouw in de Randstad “niet overdadig”. “Hoewel hiermee naar verwachting gedurende een behoorlijk aantal jaren aan de vraag kan worden voldaan, is een behoorlijke reserve in deze knooppunten noodzakelijk.”

Vraagtekens worden echter geplaatst bij de profielschetsen van de knooppunten Enschede/Hengelo, Arnhem/Nijmegen en Maastricht/Heerlen. In de studie wordt erop gewezen dat kantorenontwikkeling afhankelijk is van het reilen en zeilen van de industrie. “De knooppunten dienen derhalve te waken voor een al te eenzijdige aandacht voor de kantoren.”